Mijn eerste weekend
Mijn werkgever vroeg me, nog voor ik een dag gewerkt had, of ik het vervelend vond als ik het weekend zou doorwerken en dinsdag en woensdag vrij zou nemen. De weekenden waren tot dan toe onderbezet geweest. ’Natuurlijk, prima, waarom niet’, antwoordde ik. Zaterdagavond begreep ik pas dat mijn werkgever me bijzonder tactisch had ingezet oftewel met veel goede wil een loer had gedraaid. Want in het weekend was ik de enige in heel het gebouw met verantwoordelijkheid. En ik wist niets. Mensen kwamen binnenlopen in groepjes, wilden zeep, dekens, een coronatest en tickets naar Lyon of Parijs, ze moesten geregistreerd worden, gevoed, vooral niet met elkaar gaan matten en ook nog eens ergens slapen. Dat eerste weekend waren alle kamers, bedden én hoeken van het gebouw bezet. Vanwege al die uitgestrekte mensen kon je niet van de ene naar de andere kant van de eetzaal lopen, tenzij je voetje van de vloer zou spelen, wat erg onethisch zou zijn geweest. Natuurlijk waren er vrijwilligers, maar het gros van hen was net als ik zojuist …










