Blogs
Comments 3

Het verhaal van Ruby’s afgelopen zomermaanden



Terugkeer naar de bergen, fase I

Begin juli werd ik verwacht mee op pad te gaan met de ENSA (de alpine school van Frankrijk) voor mijn laatste examenweek om daarna eindelijk in opleiding te kunnen. Maar ik twijfelde.

Sinds het ongeluk ruim twee jaar geleden, waarbij Céline en Elise door een steenlawine de diepte in werden gesleurd en ik niet, de jongens ook niet, maar zij wél en voor altijd, had ik het alpinisme grotendeels vermeden. Met gemak verschool ik me achter mijn training voor de technische toelatingsexamens, die immers veel tijd in beslag nam, en kwam er zodoende pas laat achter dat mijn terugkeer naar de bergen problematisch was. 

Tijdens mijn eerste alpine tochten deze lente, raakte ik dikwijls in paniek. Soms door steenval, maar meestal simpelweg door de hoogte onder mijn voeten, omdat ik had gezien wat er gebeurde als je daarin losgelaten werd. Een klein beetje onzekerheid wat betreft het vinden van de route maakte me misselijk van angst. In mijn hoofd speelde een constante film van wat er allemaal mis kon gaan, zoals het uitbreken van boorhaken of de rots in zijn geheel, een ernstige voorklimval van mijn partner of alleen in de bergen achterblijven. Ik had geen enkel vertrouwen in mijn eigen kunnen en buitengewoon veel moeite om boven mijn laatste zekering uit te klimmen. Vlak voor alpine tochten hoopte ik steevast dat de auto er puffend mee op zou houden, mijn klimpartner een griep zou hebben opgedaan (eigenlijk niet zo aardig van me) of een onverwacht koufront de berg in ondoordringbare mist zou hullen.

Het werd me langzaamaan duidelijk dat mijn terugkeer naar de bergen een probleem vormde dat te groot was voor mijn eigen mentale oplossingscentrale en ging uiteindelijk, eindelijk, naar de psycholoog, die me vertelde dat ik getraumatiseerd was. Dáarom mijn heftige reacties. Het was een foutje in het brein, een fysieke reactie buiten mijn ‘controle’ en viel gewoon op te lossen. Dat was toen even een heel belangrijk inzicht.

Het bleek echter lastig om vervolgafspraken te krijgen met mijn psycholoog, die bovendien in Gap woonde en niet altijd voor kon gaan op het mooie weer. Ik moest immers tegelijkertijd alpineren als ik mezelf wilde klaarstomen voor die examenweek. 

Dus gingen trauma en ik samen op pad en werden we noodgedwongen iets beter in het overkomen van het gros van mijn angsten. Ik begon aan de hoogte te wennen en merkte dat de bergen er niet constant op uit waren om mij uiteindelijk toch nog om te leggen. Soms had ik zelfs een beetje plezier. Maar een paar dagen voor de examenweek wist ik dat ik er nog niet klaar voor was, en zei ik precies dát tegen de grote baas van de ENSA.

Terugkeer naar de bergen, fase II

De ENSA bleek echter zoveel examenkandidaten te hebben, dat ze een tweede week moest organiseren die 16 augustus zou beginnen. Een geschenk uit de hemel, want zo kreeg ik opeens veel meer tijd om de bergen in te trekken alvorens examen te doen. En toch merkte ik dat ik er niet heel blij mee was. Liever had ik misschien een heel jaar gehad om mijn liefde voor de bergen en mijn gemak in het terrein terug te vinden. Eigenlijk wist ik, voelde ik dat ik meer tijd nodig had dan slechts één zomer. Maar iedereen was zo blij voor me en ook ik ervaarde een sprankeltje hoop. Misschien kon ik mezelf verbazen. Dus stond de zomer in het teken van ‘mijn terugkeer naar bergen’ (fase II).

Hoe zal ik daar nou eens over schrijven.

Ik heb mooie tochten gemaakt en ging er mentaal nog steeds ontegenzeggelijk op vooruit. Mijn oude alpine niveau kwam terug en af en toe zat ik enthousiast aan de keukentafel met open topo’s en een slordig geschreven lijstje van tochten die ik graag wilde maken. Maar vaak trok ik mezelf op het laatste moment terug uit een tocht. Ik sliep niet voor een beklimming. Ik was bang. De hele tijd. Het hoogtepunt van een tocht bleef het moment waarop de moeilijkheden over waren en ik uitzicht kreeg op een veilige terugkeer. Dikwijls moest ik mezelf met alles, alles dat ik in me had forceren om spannende passages te overbruggen of een route uit te klimmen.

Het conflict tussen mijn oerliefde voor de bergen, mijn solide droom om berggids te worden, en mijn angst, constant aanwezig, expliciet of verstopt, was doodvermoeiend. Sterker nog, ik begon een hekel aan de bergen te krijgen. Ik begreep het niet. Ik begreep niet waar mijn enthousiasme bleef, dat enthousiasme dat iedereen om me heen leek te hebben. Het ging toch beter? Waar was dan het oude vuurtje? Mijn bergen leken in niets meer op mijn oude bergen en zeker niet de bergen van anderen. Ze lagen in de schaduw. Zo voelde het, kil en bedreigend. De hele zomer lang pushte ik mezelf, met mijn vooruitgang als hoop en motivatie, maar krap twee weken voor de examens was het op. Was ík op. Ik had er geen zin meer in, ik kon niet meer.

Maar mezelf terugtrekken uit de examens nu ik zó veel moeite had gedaan om te komen waar ik was, voelde onmogelijk en zo mogelijk nog enger. Ik moest gewoon nog even zien door te zetten. Nog even één week.

De examenweek

Die zaterdag spendeerde ik huilend, zowel dag als nacht. Zondag besloot ik toch in de auto naar Chamonix te stappen, en maandag zei ik tegen mijn examinator dat ik er niet zeker van was of ik wel aan de examens wilde participeren omdat ik iets had meegemaakt dat me nog steeds dwars zat. Hij luisterde aandachtig. Ik zou het maar gewoon proberen.

Woensdagochtend trok ik mezelf terug.

Woensdagavond had ik wederom een gesprek met mijn examinator. ‘Ruby’, zei hij, ‘je bent getraumatiseerd. Je functioneert prima in de bergen, maar je hebt een probleem dat je niet daarginds, op hoogte, kan oplossen. Het is fysiek, bijna zoals een ziekte. Ik heb het gezien. Het heeft niets te maken met wie jij bent als persoon of alpinist, met jouw sterkte of zwakte, maar alleen met hetgeen wat je mee hebt gemaakt. De bergen, de hele bergen, zijn het terrein van jouw ongeluk geworden. Je moet de verbinding tussen die ene dag en de bergen leren verbreken, en dat kan. Dat precies is trauma en daar zijn oplossingen voor’.

Gek vond ik het dat zijn woorden zoveel impact hadden, want op de hoogte van mijn eigen trauma was ik natuurlijk al. Maar ik had dat trauma op de een of andere manier aan de kant geschoven, was het woord zelfs zat geraakt, gedreven door het idee dat hardheid en doorzetten nodig waren om alpinist te worden, met name berggids. Iedereen was wel eens bang, ik was voor het ongeluk ook bang geweest. Als ik berggids wilde worden bij de ENSA, dan moest ik net als iedereen met die angsten leren omgaan.

Maar dit keer was ik getraumatiseerd. Om dat werkelijk te geloven, moest iemand van de ENSA me daar wederom op wijzen.

Die avond kon ik mezelf even ontslaan van mijn zorgen en frustratie over mijn onvermogen om met het ongeluk en mijn zwaktes om te gaan, en dat was fijn. Ook kreeg ik plotseling weer hoop wat betreft mijn toekomst in de bergen. Want het was waar, wat hij zei. De gehele bergen waren het decor van het ongeluk geworden. Daarom was ik continue zo bang geweest en waren ze me langzaamaan zo tegen gaan staan. Tegelijkertijd merkte ik voor het eerst sinds verschrikkelijk lang dat ik de berggidsenopleiding voor geen goud wilde opgeven. Ik droomde nog steeds van dit beroep, ik voelde het in mijn hele lijf, met name nu ik zo dichtbij was gekomen en ik mijn opleidingstraject weer een jaar zou moeten uitstellen. Hier hoorde ik thuis. In de bergen.   

Terugkeer naar de bergen, fase III

Inmiddels ben ik terug thuis met een bont gevoel van opluchting en teleurstelling. Ik had graag gewild dat het anders was gelopen, maar dat is misschien hetzelfde als zeggen dat ik graag had gewild dat het ongeluk nooit had plaatsgevonden. Mijn gang door de bergen werd onhoudbaar en de manier waarop ik uiteindelijk tot een stop ben gebracht was misschien zo gek nog niet. Ik heb een goede kant van de ENSA gezien, écht een goede kant en begrepen dat ze er zijn om kandidaten te helpen (met die nare technische examens krijg je soms een ander idee). Ik ben weliswaar verhinderd om in opleiding te gaan, maar heel gemotiveerd om mezelf volgend jaar opnieuw te presenteren (tijdens die laatste examenweek).

Het is natuurlijk belangrijk dat ik dit keer werkelijk de tijd neem om mijn trauma te verwerken. Hoe het komende jaar er daarnaast precies uit gaat zien, is me nog even een raadsel. Ik word enerzijds moedeloos van het idee dat er niet bepaald progressie zit in mijn (professionele) leven, maar kan nu wel, eindelijk, een échte pauze nemen van de alles-consumerende race achter dat diploma aan, en  tijdelijk investeren in andere dingen. Muziek, mijn studie psychologie, schrijven, schilderen, meditatie, een tripje naar mijn lieve oude kikkerland en langs wat zwangere vriendinnen. Misschien vind ik ondertussen een baantje dat nog best leuk is ook (iemand gemotiveerd om een gezellige bar met Belgisch bier in Briançon te openen?) en kan ik zelfs wat geld gaan verdienen met mijn schrijven.

En zodra dat zonnetje doorbreekt op mijn liefste bergen, dan weet ik waar ik te vinden zal zijn.



This entry was posted in: Blogs

3 Comments

  1. Ik kan het alleen maar toejuichen; de beslissing die je genomen hebt. Als er een boek van komt, wil ik het lezen.
    Het gezegde ‘Wat op je pad komt, maakt je niet tot wat je bent, wel wat je ermee doet’ geef je – naar mijn gevoel – helemaal de juiste invulling. Veel succes met je pauzejaar.

  2. Wat bewonder ik jou! Jij kunt winnen en verliezen! En pauzeren! Onlangs las ik dit naar aanleiding van never-give-up-day: Start by pausing, not quitting – You don’t need to go full steam ahead all of the time. Sometimes, pausing and taking a step back can be exactly what you need. It will give you a brand new perspective on things. It enables you to find the wisdom and strength you need for the next steps. Resting is a weapon that a lot of people fail to use!
    Etc. https://www.daysoftheyear.com/days/never-give-up-day/

  3. Het wordt geen pauze maar een tussenjaar dat je brengt waar je nu graag had willen zijn (en misschien zelfs verder …). Harde bergen geven harde lessen en er is dus liefdevol werk te doen. Hoge bergen beklim je ook stap-voor-stap. Waar behulpzaam stap ik graag met je mee Ruby; die top gaan we echt wel halen …
    X

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s