All posts filed under: Blogs

Plantjes Plukken

Notre Dame de Bellecombe is een stil dorp. Het kerkje staat aan het begin van de straat, grote, lege appartementen aan het einde. Pubs, een bakker, een kapper en een souvenirwinkeltje volgen elkaar hellingopwaarts. De omgeving ziet groen van pistes. Als poten van een spin kruipen grijze skiliften vanuit het dorp de hoogte in. 1000 meter na de kerk, op een bergflank net om de hoek, in de nederzetting van Cheloup, daar vind je de boerderij. Later hoor ik van de boerin dat haar grootouders hier als eerste hun huisje bouwden. Inmiddels staan er een stuk of twintig chalets, allemaal nieuw, met keurige gazonnetjes, gekamde honden en loslopende modelkindertjes. En al die verse gezinnetjes hebben zich aangesloten op de enkele elektriciteitskabel van haar grootouders, waardoor het medium in de war is en de boerin elke twee weken haar lampen moet vervangen. Een bron van conflict. Wij zijn ‘de anderen’. Daar waar het gras ver boven de enkels groeit en een hond zichzelf een ongeluk blaft, daar waar je wakker wordt door het basgeluid van de didgeridoo …

4810 Verdwenen Meters

Een week lang struinde ik door de straten van Chamonix. Op zoek naar indrukken en gezichten, kijken of het beroemde oord mijn habitat zou kunnen vormen. Een regenachtige middag tussen twee alpinetochten is in principe genoeg om vertrouwd te raken met de winkelstraat, het gidsenbureau, McDonald’s Wifi. Het is een klein stadje. En toch, woont ergens maar één ziel, zelfs dan kan een plek vreemd en onontdekt aanvoelen. 9000 duizend zielen en een hele hoop toeristen, ik zeg je, Chamonix is een oneindig groot continent voor mij. Ik snap nog niet hoe dag en nacht zijn opgebouwd, de glans in de ogen van een Chamonees zegt me weinig. Misschien heb ik onderschat hoezeer een stad waarin je gaat wonen uitgroeit tot een mysterieuze en opdringerige aanwezigheid. Complex als een mens, ontvankelijk naar gelang je eigen inzet en aanpassingsvermogen. Aan de andere kant, misschien overschat ik nu, na deze eerste week, het belang van Chamonix als stadseenheid. Het is een locatie, een verzameling mensen, een historie of een specifiek pakket aan mogelijkheden. Maar voor mij zal het slechts mijn vrienden, …

Via Wie

De Snel Sports in Chamonix verkoopt een grote, overzichtelijke collectie aan outdoorspullen. Op de schoenenafdeling werkt een klein enthousiast Frans mannetje die zijn taak serieus neemt. Hij wacht rustig op je uiteindelijke keuze, aanschouwt je twijfelingen met ernst en vertelt ondertussen dat hij zelf het liefst bij de Aiguilles Rouges klimt. Achter de balie schuifelt een jonge Spanjaard van kassa naar gadgetwand. Hij zit verlegen om communicatie; zeg je één woord, dan heb je een half uur conversatie. Hij is ook nieuw in Chamonix. Als je lift tussen Albertville en Chamonix, dan kan er zomaar een autootje met een bloedmooi meisje stoppen dat als bouwvakker werkt. Ze heeft allemaal linkse ideeën en poneert ze zonder er rekening mee te houden dat jij misschien niet zo goed Frans spreekt. In elk geval, ze kent mensen bij een uitzendbureau in Salanges. Op de hoek van de rotonde in de buurt bij de Mediatheek ligt het restaurant MBC. Een bar strekt zich uit langs de rand van een grote houten ruimte, waar de stoelen en tafels versleten zijn en de serveersters …

Jägerbomb

–Hi, I’m Ruby, I’m working here tonight? Een meisje met lang bruin haar en vriendelijke ogen knikt bevestigd. Ze begeleidt me naar een ruimte waar ik mijn jas kwijt kan, een opslag ontoegankelijk voor gasten. Kennismaking met dat soort plekken is tot nu toe immer een voorbode geweest van een eerste werkdag in de horeca. Terwijl ik mijn jas op een krat leg denk ik: Nu is het gedaan. Nu kan ik niet meer terug. Vanavond werk ik bij Monkey. We lopen terug naar de bar. Ik zie Regien, Fieke en Dorien plaatsnemen op een klein balkonnetje linksboven het café met uitzicht op de bar, en laat ze verdwijnen uit mijn bewustzijn. Op lange borden hoog in de wand staan rijen cocktails en shotjes. Zal ik het meisje meteen maar zeggen dat ik geen idee heb wat er in een Long Island gaat? Dat ik alleen drink als speciaalbiertjes het aanbod vormen? En helemaal niet drink als ik ‘in training’ ben en naar Chamonix ben gekomen om te alpineren? Ik houd nog even mijn mond …

Dit is Chamonix

-met Fieke Maandag 18 mei. Vanaf camping Le Grand Champ is het centrum van Chamonix een kwartiertje fietsen. Bergafwaarts. We rollen vanaf de grote weg door tot in de winkelstraat, waar alle bergsportmerken naast elkaar hun nieuwe collecties tonen en het voelt alsof je het internet binnenstapt. Oh ja, denk ik. Dit is Chamonix. Het is negen uur ’s ochtends en de brede straat is nagenoeg verlaten. De zon schijnt fel. Chamonix. Ik verdenk het dorp ervan dingen voor me achter te houden en kijk bedachtzaam om me heen. Tegelijkertijd voel ik me getest vanaf het eerste gesprekje dat ik voer (dus jij komt hier wonen?). Ik ken Chamonix al een tijdje, maar niet als een plek waar ik vanuit het Westen binnen kom fietsen om er vervolgens mijn heil te zoeken. Een plek waarvoor je ‘gekozen hebt’ doet zich anders voor bij weerzien. Ik kan je veel vertellen over het dorp, zoals het piepkleine inwoneraantal en het smogprobleem, maar het liefst zou ik je er middenin willen plaatsen en even laten dwalen. En dan …

Ik Meen Het

Alles waar ik vandaag aan kan denken, zijn mijn misdaden. Misschien kan ik een beter mens worden in Frankrijk. Of hoort een beetje sociaal falen bij mij en al die andere mensen. Of blijkt in de praktijk dat ik geen zin heb om mijn gedrag aan te passen. Het maakt ook niet uit, ik zal zijn wie ik ben met misschien wat meer consideratie, maar voor nu voel ik vooral de behoefte om te zeggen: Sorry. Sorry, voor wie ik soms ben geweest. Voor de keren dat ik afdwaalde in gesprekken, niet reageerde op contactberichten, teveel met mezelf bezig was en anderen dupeerde vanwege mijn slordigheid of laksheid. Sorry voor mijn wantrouwen als vertrouwen meer op zijn plek was, mijn arrogantie en verlegenheid, mijn pretenties en onzekerheid, mijn vooroordelen en de geringe kans die ik sommigen heb gegeven. Sorry voor mijn lompe opmerkingen, recalcitrante houding, eigenwijsheid, naïviteit, het roddelen en het schreeuwen en het aandacht trekken. Sorry voor mijn desinteresse. Sorry voor de schijn die ik heb opgehouden, het ontwijken, de leugentjes en stiekeme vuile manoeuvres. Sorry voor mijn …

Even op vakantie voor altijd

Het wordt langzaamaan werkelijkheid. Ik heb gewacht op alle typische emoties, en nu komen ze zachtjes een voor een naar boven. Héél zachtjes, vermomd, bijna niet te onderscheiden van dagelijkse emoties en dus bijna irrelevant. Maar ik spoor ze op en wakker ze aan. Anders blijft het voelen alsof ik alleen even op vakantie ga. Een maand of wat naar de bergen. Ik zeg ‘daag ouders’, zwaai naar mijn vrienden en steek mijn duim op naar de eerstvolgende auto op de oprit van de snelweg. Een vriendinnetje van me zei: Je moet rituelen maken, dat is nodig bij dit soort zaken. Organiseer iets. Anders beseft niemand dat je gaat, laat staan jijzelf. Soms vraag ik me af of het wel zo anders is, die truc die ik nu uitvoer. Dat gaan. De maanden die ik in Frankrijk doorbracht – had ik niet altijd kunnen besluiten om in Frankrijk te blijven? Kan ik nu niet altijd besluiten om terug naar Nederland te gaan? Het verschil ligt slechts in de afspraak met mijzelf om in Frankrijk een leven op te bouwen. Het …

Dorpsgek

Er zat me iets dwars, de afgelopen tijd. Iets waar ik maar niet de vinger op kon leggen. Maar nu weet ik het. Ik was de dorpsgek. Je hoorde me van mijlenver aankomen. Tik, tik, tik, als een tapdanser op krukken. En iedereen keek. Naar mijn krukken en mijn been. Het ontging me niet, dat ik interessant was. Ik wist ook dat ik niet werkelijk doordrong tot de breinen achter de blikken. Ze dachten misschien ‘een been’, en zelfs dat niet, want in een stad als Amsterdam moet je een boel gekker doen wil je ze bezig houden. Het had wel iets. Tik, tik, tik is een geluid dat zich onderscheid van druk verkeer en gebabbel. Mijn aandoening was chronisch noch absurd, niets aan de hand, weinig meer dan tik, tik, tik. Een bushok vol mensen die mijn bewegingen volgden, dan pas wilde ik werkelijk vreemd doen. Alsof de hint van aandacht in die lege blikken een zucht naar méér opwekt. Wegrennen, op mijn gipsen poot. Shit, denken ze dan. Die loopt er zomaar vandoor. …

Prinses

Ik ga naar Frankrijk. Ik ga echt. Ik pak mijn spullen en ik ga naar Frankrijk. Ik vind het wel stoer van mezelf. In mijn beschouwingen. Maar in het echte leven is er niet veel aan de hand. Ik sijpel langzaam uit Amsterdam. Als prinsen het bos in trekken om een draak te verslaan en hun bevrijdde prinses meenemen naar het wonderland, dan hoeven zij niet eerst hun mobiele abonnement aan een trol te slijten. Nooit lees je over een prins die zich tijdens het beklimmen van een toren voor zijn kop slaat omdat hij zijn NRC of bibliotheeklidmaatschap vergeten is op te zeggen. Kastelen worden tijdens prinselijke absentie bewaakt door boze stiefmoeders, die intrekken zonder de inspectie van de woningbouwcorporatie af te wachten. De zorgverzekering ligt gevat in het sprookje, daar prinsen toch niets onromantisch overkomt, en afscheid nemen ze niet, want alles komt goed, iedereen verliefd,  betoverend en voor eeuwig gelukkig. Avontuur in het echt is best wel burgerlijk. Het hangt aan mekaar van datumprikkers, callcentremedewerkers en het doorspitten van oude fotoboeken. Ik moet mijn spullen uitsorteren, wat …

Vreemde Beweging

Ik heb mijn eerste stapjes gezet vanmorgen. En ik ben niet meer opgehouden. Van de poli over de betonnen parkeerplaats tot het perron van Holendrecht, door de gangen van de trein, Muiderpoort en Albert Heijn. Met hervonden souplesse klom ik mijn zes trappen op, de grootste horror van de afgelopen weken. Ik heb zelfs al gedanst, al was het een wat scheve dans waarbij mijn linkerbeen grotendeels buitenspel stond. De piratenhechtingen zijn eruit gehaald. Nu heb ik een piratenlitteken op een dikkig en gekleurd enkeltje. Steunzolen en de fysiotherapeut en nog meer blije dansen wachten me, want ik voel me vrij. Ontslagen van de loden bol aan mijn been en grijze tentakels aan mijn armen. Het was een sensatie om weer stappen te zetten. Mijn huid prikkelde alsof er nieuw leven vanuit de bodem via mijn voet door mijn lichaam werd geblazen. Ik kreeg de grijns nauwelijks van mijn gezicht. Ik kan je met vreugde vertellen, al het kwaad van de val heb ik gehad. Er rest me niets dan revalidatie. Ik krijg mijn eigen lichaam terug, ze …