Een Hollandse Koe
Er zit een Spaanse familie in de keuken aan het middagmaal. Gazpazzo in tinnen bekers, kaas, een salade van tomaten en olijven waarover ze olijfolie en zout strooien. De stokoude oma zit tevreden tussen haar dochter en kleindochters in, die haar allemaal helpen de groentetuin in orde te houden en daarvan profiteren. Fruit gaat rond, ze lachen, vrolijk Catelaans dat door het raam van het meer dan drie honderd jaar oude huis komt. Dan komt er een luid ‘hola’ door hetzelfde raam naar binnen. Een mannenstem. De oudste dochter gaat van tafel, loopt de witgeverfde stenen trap af en komt even later boven met een jonge Spanjaard. Hij groet de dames en zegt dan, terwijl hij weer de trap afloopt, ‘wacht, er komt nog iemand’. Er klinkt gestommel en geluid, zijn dat hoeven op de treden? Oma heeft inmiddels veel langs zien komen, maar dit keer vermoed ze dat er iets in aantrede is dat haar eeuwenoude keuken nooit eerder gezien heeft. De jongen verschijnt terug in de ruimte, om zijn hand het uiteinde van …







