Sinaasappels
De weg naar het ziekenhuis is glad, steil en alleen voor auto’s. Telkens wanneer ik er afgelopen weken langs naar boven liep, dacht ik: Handig dat het ziekenhuis toch al in de bestemming ligt. Ook vroeg ik me af waarom ze het mortuarium precies langs die weg hadden geplaatst, alsof de dood slechts een paar passen van het ziekenhuis verwijdert ligt. Ik moest erheen voor mijn tanden. Vijf tanden hebben ze er gister uitgetrokken, vijf gapende gaten en wangen zo gezwollen als sinaasappels, die ik niet eens mag eten. Soep, yoghurt en aardappelpuree, dat stond er op het boodschappenlijstje van de jongen die me ophaalde uit het ziekenhuis. De laatste keer dat ik onder narcose ging, was voor de operatie aan mijn enkel. Een stukje bot was losgeraakt na mijn val in 2013, de eerste scène in de bergen waarin ik eigenlijk dood had moeten gaan. Maar toen was alles nog anders. Toen overleefden we nog alles, het tijdperk van elastiek. Gisteren werd ik wakker en vlogen de helikopters nog boven het ziekenhuis van Briançon, …







