Tromgeroffel
Ik sta bij het busstation en de wind trekt aan mijn haren en kleren, de rafels van mijn broek, mijn schoenveters. We eindigen bijna twee haltes verder zonder in de bus te stappen. Het is bitterkoud. Ondanks de zaterdag, de dag waarop mensen komen en gaan en de pistes relatief verlaten zijn, is het druk op straat. Mijn bus laat lang op zich wachten en ik spring en loop heen en weer om warm te blijven. Een groep bezopen toeristen komt het café uit. Ik laat ze passeren, volg ze met mijn ogen en zie een meisje inzakken. Languit op de stoep totdat mijn bus komt, omringt door iedereen behalve zij met wie ze was, want die plassen tegen de schutting of leunen tegen de lantaarnpaal. De bussen van de vallei komen te laat als het veel gesneeuwd heeft of er reden is om massaal van de piste af te komen – de sluittijd van het liftstation. Grote groepen dronken toeristen zijn het dit keer. Ik stap in en manoeuvreer me tussen de Engelse skiërs en anekdotes. …






