Author: Ruby Elizabeth

Eindexamen

De weken aan het eind van het schooljaar stonden onvermijdelijk in het teken van de zesde klas die examen deed. Ik vond het magisch, zo’n gigantische groep die een zenuwslopend ritueel onderging waarnaar ze zes jaar hadden toegewerkt. Mijn broer eerst, mijn zus daarna, het jaar boven me en toen kwam het dichtbij. Wat gebeurde daar toch? Wat ging er door hen heen? Ik kan me nu alleen nog maar bedenken dat het heel leuk was, want we waren allemaal speciaal en iedereen keek naar ons, massaal in de examenboot en massaal emotioneel bij de uitslag. Marcel kwam zondag aan in Chamonix voor het toegangsexamen voor de Franse gidsenopleiding. Maandagmorgen stond hij met een hele verzameling ambitieuze alpinisten op de oprit van het ENSA gebouw, hem kennende vrij zenuwachtig, in zijn hoofd waarschijnlijk de verslagen van zijn tochtenlijst op repeat. Die middag had hij een gesprek en die avond moest hij zijn naam terugvinden op een lijst. Zo niet, dan was hij niet geslaagd voor het modelinge gedeelte van het examen en zou hij volgend …

Late start

Ik heb het vaak vervloekt dat ik in mijn jeugd niet heb leren skiën, maar inmiddels houd ik van mijn late start. Na anderhalf seizoen voel ik me nog steeds alsof ik bij hoge uitzondering uitgenodigd ben in de skiwereld. Wat doet Ruby hier? Alles komt nog wat gek op me over, de poppetjes in de liften, het zinloze van het omhoog-naar beneden-omhoog-naar beneden, de leraren met hun aantrekkelijke pakken en ego’s, de pisteurs met hun zonnebrillen en sigaretten en nonchalante posities tegen de liftstations, het gemijmer over de soorten sneeuw en soorten ski’s. Zelfs de lading sneeuw wekt mijn verbazing nog. Is dit echt in het hier en het nu? Dankzij mijn late start heb ik een klein minderwaardigheidscomplex dat me dwingt om mijn gedachten te verzetten als ik langzamer ben dan de rest. Maar omdat ik elke les in mijn skiën zo recent geleerd heb, is de voldoening van een geslaagde afdaling gigantisch. De controle wordt elke skisessie een beetje groter en dat gevoel is immens verslavend. Ik ben een pizzapuntskiër in de …

Even mijn leven plannen

Maart is al flink op weg, wat betekend dat ik aanzienlijk minder dan twee maanden heb om mijn toekomst uit te dokteren. Wat staat er vast? Mijn werkcontract loopt tot eind april en mijn huurcontract tot eind mei. En dan? Dan ben ik toch wel heel erg vrij. Hoe vrij? Ik kan nog steeds besluiten om een dokter te worden. Of de rest van mijn leven in Chamonix blijven, gewoon, door niet op te letten. Ik kan al mijn spullen verkopen en reizen, zeven kinderen krijgen of verwoed op zoek gaan naar de zin van het leven. Ik heb een beetje het gevoel alsof het regent buiten en mama suggereert om aan de keukentafel te gaan knutselen. Met een groot wit vel en een schaar en verschillende kleuren stiften. Hier, Ruby, tijd om je leven bij elkaar te knutselen. Ik denk dat ik dan eerst een grote auto zou tekenen en die zou uitknippen, met mijn eigen hoofd geschetst achter de ruit van de bestuurder. En dan zou ik misschien een berg van allemaal propjes …

Kijk, dit is winter

Vrijdag: Het dal ziet weer groen, duidelijk de voorkeurkleur van deze winter. Boem en er ligt weer een bak sneeuw. Boem en het is weer verdwenen. Een föhnwind blaast zo hard door het dal dat ik me aan een lantaarnpaal staande moet zien te houden. Hekjes en poorten klapperen, van alles vliegt over de grond. Ik vraag me af of de bussen rijden, de liften zijn in elk geval gesloten. Ondanks de wind steken hardlopers hun kop weer om de hoek. Want ja, de paden zijn sneeuwvrij en niets dreigt eraf te vriezen. Dinsdag: En nu? Nu ploeteren we ons door een halve meter sneeuw, gewoon in de vallei. De liften zijn wederom gesloten, sommige omdat de weg naar het skigebied lawinegevaarlijk is, anderen omdat het skigebied zelf weggevaagd kan worden. Alleen Les Houches is open, waar heel lokaal Chamonix zich vandaag concentreert. Ik wou dat ik mijn familie even terug kon halen, weg uit hun vlakke landschap en hier weer in de straten. ‘Kijk, dit is Chamonix in winterjas.’ Zij kennen het alleen in …

Een kleine zomer

Het is voorbij. Twee weken lang verkeerde Chamonix in een veel te vroeg gekomen lente, met fluitende vogels, volle terrassen en vrolijkheid die rechtstreeks door het zonnetje werd aangewakkerd. Hoe lang kun je dan boos zijn om de groene vergezichten en uitgedroogde ijslijnen? Een panaché met de zon in het gezicht en je denkt er niet meer aan. En een ander voordeel: Je kunt lekker hardlopen over de bergflanken en liedjes zingen op de fiets. Rotsklimmen en picknicken in het gras; een heus voorproefje op de zomer. Maar goed, het is wel volslagen belachelijk. In Februari zouden we ons zorgen moeten maken om lawinegevaar, niet om ons badpakfiguur. De weergoden waren even van het padje en krabbelen eindelijk terug. Het regent momenteel in de vallei, maar daarboven sneeuwt het. Als het even kouder wordt liggen hier de daken weer onder. Winter deel twee, een laatste kans voor de seizoensarbeiders om aan hun skitax te komen. Nu de vallei is gehuld in schaduw, mist en regendruppels en we niet meer worden gesust door het zonlicht, schreeuwen …

Mama, de mannen, de lappenmand en pap en Suus die er niet zijn

19 Februari, 20:48. Ik eet mijn bord leeg in de personeelsruimte van het hotel zonder een woord tegen mijn collega’s te zeggen. Mijn blik is strak gericht op mijn mobiel. Op het treinstation van Les Bossons staat Adria. Het is donker. Hij wacht. Ik wacht. You’ve got them? – bericht ik hem. No, not yet. Dan belt mijn broer. Yo smurf, we zijn er. Ik had Adria gevraagd om mijn moeder, Jaap en Arnold op te halen van het perron in Les Bossons, vlak bij ons chalet. Ze zijn echter keihard door Les Bossons gereden en staan nu met rugzak en al voor de stoep van mijn werk. Ik ren uit de personeelsruimte naar buiten, het bord halfleeg, grote ogen van mijn collega’s, en omhels mijn familie in het barlicht van Chambre Neuf. Adria, I’ve got them here, they went to Chamonix – bericht ik hem nu. Mijn familie is gearriveerd. De volgende morgen zit ik Nederlands te kakelen aan de ontbijttafel, met een groot Vikingbrood dat vanuit Zweden via de nachtreceptionist op de broodplank …

Skitouren en Ijsklimmen

Het lijkt erop dat ik eindelijk tijd overheb voor de bergen. Voor skitouren en ijsklimmen, in plaats van voor kopzorgen over een stel negentienjarigen dat te brak is om hun diensten te draaien. Het skitouren voelt als een cadeautje dat uit de hemel is gevallen. Chamonix is weer eens in de war en straalt alsof het zomer is, grasvelden die overal tevoorschijn komen in Februari, kreten van wanhoop van freeriders die hun ei niet meer kwijt kunnen. Maar wij gaan gewoon de bergen op en vinden daar ons geluk. Lange afdalingen over sneeuw die er prima aan toe is. En verbrandde gezichten, want ook in het hooggebergte is het zomer. Omdat ik nog steeds een groot deel van mijn lijst moet afstrepen, is het belangrijk dat er nu en dan weer iets valt. Maar afdwingen kun je het niet en de tochten die we nu maken zijn zo mooi dat ik moeiteloos kan afwachten. Ben en ik hadden beiden een reeks vrije dagen, wat ons de ruimte gaf om naar Cogne te gaan. Een paradijs …

Dezelfde materie

Precies een jaar geleden ontmoette ik een Spanjaard in het Franse bergdorp Le Tour, aan het einde van de vallei van Chamonix. Naast bergen als de Aiguille Verte en Chardonnet werden we vriendje en vriendinnetje. Vanaf het begin van onze relatie verbaasde ik me over mijn liefde voor hem. Dat lag niet aan hem noch aan onze relatie. Dat lag aan de liefde zelf. Wat is dat nu tussen ons? – dacht ik vaak. Liefde is altijd moeilijk te definiëren, een gevoel dat alle kanten op gaat, juist daarom is het zo leuk om toch op zoek te gaan naar een verklaring. Iets dat de lading dekt. Het bleek voor mij echter geen uitdaging, want opeens rees de verklaring kraakhelder op in mijn geest. Boem. Het begint hiermee: Ik heb eigenlijk veel grotere liefdes dan mijn vriendje. De bergen. Op de wandelvakanties in mijn jeugd zijn ze linearecta mijn hart ingelopen en inmiddels zijn zo ongeveer hetgeen waar mijn wereld om draait. Hoe? Ze zitten altijd in mijn hoofd. Ze zijn mijn dagelijkse decor en …

Op pad met de snelle jongens

De nachtreceptionist klimt M9 met een glimlach en passeert nu en dan een noordwand, zo’n beetje tussen de bedrijven door, wat je niet zou zeggen als je hem achter het bureau zag zitten. Ben, een Britse jongen die stil zijn werk doet. Alhoewel, wanneer je achter het bureau langs glipt zie je dat er altijd een route op zijn beeldscherm openstaat. En zijn schouders zijn toch wel iets breder dan het dagelijkse leven vraagt. Hij woont in een chalet met klimmende Ieren en Britten, een verzameling klimnerds pur sang, rusteloos zolang er niets gepland staat om op te klimmen of af te skiën. Hun woonkamer is bezaaid met topo’s en materiaal (en rommel gezien het de leefruimte van vijf vrijgezelle jongens betreft), de entree volgestouwd met ski’s. En een hoop Engels gebabbel en thee. Ik heb het geluk af en toe met deze jongens mee op pad te mogen, wat nu al resulteert in een hoop vallen en opstaan. Cliffjumps, powpow en treelines. Ik moet er nog steeds aan wennen dat ik kan skiën, maar …

Tot ze erbij neervallen

Een vrouw van over de zeventig staat te rock-en-rollen aan de bar. Haar grijsblonde, natte haren zwaaien van links naar rechts. Wij staan haar te kopiëren en zij ons, terwijl achter haar tweehonderd mensen volledig uit hun dak gaan. Bij elkaar geplakt voor de band en op de tafels, zingend en springend en dansend, het bier in hun bekers en uit hun bekers, de band bezweet op het podium. Als ik na afloop het mengsel van bier en gesmolten sneeuw van de vloer dweil zie ik haar alleen aan een tafel, met het hoofd in de handen en schijnbaar uitgeput. Are you ok? – vraag ik. Yes, zegt ze terwijl ze opkijkt. That was a good one…. But I’m too old for this. Ik ben verplicht het te ontkennen, zeg dat ze zich prima handhaaft. Dan zegt ze: Yeah, but I might die doing this. Well, if so, vervolgt ze direct, then that’s a damn good way to die. Ik ben het toch wel met haar eens.