All posts filed under: Blogs

Achterdeur

Drie kinderen liggen voor de deur van mijn bureau op de grond. Hun voetjes steken onder de dekens uit. Om mijn bureau binnen te komen, moet ik ze wakker maken, maar ze zijn nog te jong om te begrijpen dat ze ergens anders moeten gaan liggen zodat ik de deur kan openen. Hun vader wordt wakker van mijn gefluister en tilt ze naar een andere plek op de vloer. De deur gaat echter niet open. Ik duw hard en voel dat iets de doorgang blokkeert. Op mijn tenen sluip ik weer naar buiten en klop zachtjes op het raam om mijn collega wakker te maken. Ze kijkt verdwaasd op en lijkt zich even niet meer te herinneren dat ze die nacht het centrum had moeten bewaken (nachtelijk brandalarm-dienst) en dus in mijn bureau sliep. Blijkbaar deed de sleutel het niet en had ze het bureau dus niet op slot kunnen draaien. Als meisje alleen in een opvang met wederom 143 vluchtelingen – zo tellen we later – waarvan het overgrote deel jonge mannen, had ze …

Gezellig meereismeisje

Op feestjes ben ik zelden een leuke gesprekspartner. Ik kan me moeilijk op het gesprek concentreren vanwege het lawaai en de drukte, weet geen gezellige balans te vinden tussen oppervlakkig gepraat (smalltalk) en de diepte (waar ik nu eenmaal onaangepast door word aangetrokken), denk altijd dat de ander stiekem op zoek is naar een leukere gesprekspartner dan hij of zij nu voor zich heeft en vrees al na een enkele zin het moment waarop het gesprek doodvalt, waardoor ik het geforceerd op gang probeer te houden, wat sowieso opgemerkt wordt, met als hoogtepunt het moment waarop ik voel dat de gesprekspartner hetzelfde doet en we allebei hopen op een onderbreking van buitenaf – iemand die spontaan ons gesprek “verstoord” of natuurlijk het brandalarm. In autogesprekken ben ik een stuk beter. En dan doel ik specifiek op Bla Bla Car. Afgelopen jaren heb ik veel gebruik gemaakt van hun website voor korte reisjes door de alpen. Gebruikers komen uit alle lagen van de samenleving en lijken steevast vriendelijk, gemotiveerd en bij voorbaat op zoek naar het …

Mijn eerste weekend

Mijn werkgever vroeg me, nog voor ik een dag gewerkt had, of ik het vervelend vond als ik het weekend zou doorwerken en dinsdag en woensdag vrij zou nemen. De weekenden waren tot dan toe onderbezet geweest. ’Natuurlijk, prima, waarom niet’, antwoordde ik. Zaterdagavond begreep ik pas dat mijn werkgever me bijzonder tactisch had ingezet oftewel met veel goede wil een loer had gedraaid. Want in het weekend was ik de enige in heel het gebouw met verantwoordelijkheid. En ik wist niets. Mensen kwamen binnenlopen in groepjes, wilden zeep, dekens, een coronatest en tickets naar Lyon of Parijs, ze moesten geregistreerd worden, gevoed, vooral niet met elkaar gaan matten en ook nog eens ergens slapen. Dat eerste weekend waren alle kamers, bedden én hoeken van het gebouw bezet. Vanwege al die uitgestrekte mensen kon je niet van de ene naar de andere kant van de eetzaal lopen, tenzij je voetje van de vloer zou spelen, wat erg onethisch zou zijn geweest. Natuurlijk waren er vrijwilligers, maar het gros van hen was net als ik zojuist …

Het vluchtelingenpak

Een jongen met geblondeerde haren zegt me dat hij schoenen nodig heeft (Shoes! Shoes!). Ik kijk naar zijn voeten en zie daar twee schoenen in prima staat. Regelmatig lopen ze op blote voeten, slippers of te-kleine-schoenen-als-slippers (wat sommige mensen wel eens doen als ze even naar de brievenbus gaan en te lui zijn om de veters van een willekeurig paar schoenen los te maken). Maar ik spreek zijn taal niet en hij zou zomaar schoenen kunnen zoeken voor zijn moeder. We lopen naar het kledinghok. Zodra ik de deur open, glipt een vriend van hem mee naar binnen. Die gaat de kledingrekken af en trekt af en toe een jasje aan, terwijl de jongen kritisch naar het schoenenrek kijkt. ‘No, madame, no, no, no….’ De schoenen worden met ernst afgekeurd – duidelijk niet zijn stijl. Ook zijn vriend vindt geen leuk jasje, en ik sluit vlug de deur achter hen zodat ik weer aan het werk kan. Die middag heb ik een kledingverzoek van een vrouw. Ze wil helpen schoonmaken (het centrum stinkt naar een …

Refuge Solidaire: een uitleg

Het vluchtelingencentrum Refuge Solidaire werd opgericht in 2017, omdat er via de bergen aan Italiaanse zijde grote aantallen migranten Briançon binnenkwamen – en nog steeds komen. Briançon is een kleine stad waar een aanvraag voor asiel niets uithaalt, dus reizen asielzoekers door naar grote steden als Parijs en Lyon, of verder richting het noorden. De tocht door de bergen naar Frankrijk is echter fysiek zwaar en vluchtelingen die hier aankomen (waaronder ouderen, geblesseerden, zwangere vrouwen en jonge kinderen) hebben behoefte aan eten, drinken en onderdak voordat ze hun reis doorzetten. Refuge Solidaire geeft ze even rust, voordat ze in een grote stad terug op straat belanden. Het statuut voor de Franstaligen: « Considérant qu’il est indigne de laisser dans la rue des migrants arrivant dans le Pays du grand Briançonnais par la montagne, qu’ il est nécessaire de leur donner un temps de repos et d’écoute afin qu’ils retrouvent leur dignité et fassent valoir leurs droits, il est décidé de créer une association afin de gérer au quotidien des lieux d’accueils en partenariat avec les …

En dan staat er opeens een Afghaans kind voor je

Mijn therapeut vraagt me wanneer ik tijd heb voor een volgende afspraak. Ik antwoord dat het afhankelijk is van de baan die ik zal vinden. Hij blijft me eventjes aanstaren. In dat moment maakt hij, denk ik achteraf, een afweging: mijn patiënt zoekt een baan en ik heb zelf een zéér urgente vacature bij de noodopvang voor vluchtelingen, mag ik haar echter een baan aanbieden waarin ze nauw met mijzelf zal samenwerken? Is dit goed voor mijn patiënt, voor mijzelf of voor beiden? De patiënt blijkt verbaasd maar geïnteresseerd. Even later zit ik op de fiets naar Refuge Solidaire, het vluchtelingencentrum dat sinds een week van locatie is veranderd en nu uitzicht biedt over de hele stad. Ik hoef niet lang te zoeken naar het juiste gebouw, want nergens in Briançon zitten zoveel gekleurde mensen buiten op een trap. Ik twijfel waar ik mijn fiets neer zet, want ik heb geen slot maar zie evenmin bosjes waarin ik hem kan verstoppen. Zouden vluchtelingen er iets aan hebben, mijn fiets? Voor een rondje Briançon, in die …

Kwast in Kwestie

Het was elf uur ’s ochtends, die avond zou ik online mijn statistiektentamen afleggen. Tijdens mijn koffiepauze haalde ik mijn schilderspalet van stal en werkte verder aan een baby in de bijzondere wereld van de buik (een vriendinnetje van me is zwanger). Je zou dit Studie Ontwijkend Gedrag kunnen noemen, maar ik weet inmiddels dat, door een concentratieboog van zo’n dertig minuten, mijn ‘studeren’ voor ongeveer vijftig procent uit werkelijk ‘studeren’ bestaat en voor vijftig procent uit afleidende zaken zoals het opruimen van het huis, schrijven van blogs en kijkjes in de koelkast of er ondertussen geen lekkere dingen zijn verschenen. En dat is niet erg. Ik moet gewoon twee keer zoveel tijd nemen. Hoe dan ook, Tigrou kwam langs en zou onbedoeld voor een hoop afleiding zorgen. Hij strekte zich uit over mijn werktafel en ik aaide hem gedachteloos, tot ik zag dat hij met zijn billen in mijn verfpalet was gaan liggen. Die zaten dus onder de vlekken. Rood, groen, roze, blauw, wit.  Aanvankelijk moest ik erom lachen, tot ik me bedacht dat …

Het verhaal van Ruby’s afgelopen zomermaanden

Terugkeer naar de bergen, fase I Begin juli werd ik verwacht mee op pad te gaan met de ENSA (de alpine school van Frankrijk) voor mijn laatste examenweek om daarna eindelijk in opleiding te kunnen. Maar ik twijfelde. Sinds het ongeluk ruim twee jaar geleden, waarbij Céline en Elise door een steenlawine de diepte in werden gesleurd en ik niet, de jongens ook niet, maar zij wél en voor altijd, had ik het alpinisme grotendeels vermeden. Met gemak verschool ik me achter mijn training voor de technische toelatingsexamens, die immers veel tijd in beslag nam, en kwam er zodoende pas laat achter dat mijn terugkeer naar de bergen problematisch was.  Tijdens mijn eerste alpine tochten deze lente, raakte ik dikwijls in paniek. Soms door steenval, maar meestal simpelweg door de hoogte onder mijn voeten, omdat ik had gezien wat er gebeurde als je daarin losgelaten werd. Een klein beetje onzekerheid wat betreft het vinden van de route maakte me misselijk van angst. In mijn hoofd speelde een constante film van wat er allemaal mis kon …

Rommelig

Meditatie kan je niet echt goed of slecht doen. Via zo’n oordeel stap je in de denkmachine en dus uit het moment. Uit je meditatie. Toch kan ik het heel slecht doen. Dan denk ik bijvoorbeeld herhaaldelijk aan hoe slecht het gaat, ga langdurig mee met elke gedachtereeks die zich aandient en kijk bij driekwart van de voorgenomen tijd op mijn klok hoe lang ik nog moet. Maar het kan ook goed gaan. Altijd maar eventjes, alles dat zo heel kalm de revue passeert, gedachten als wolkjes ver weg, gevoelens licht als veertjes, geluiden als briesjes door een open veld.Zo’n moment verknal ik vervolgens door in het wolkje van ‘nu gaat het goed!’ te klimmen en ermee af te dwalen naar verre gedachtenlanden waarin ik ook wel veertig (in plaats van twintig) minuten zou kunnen mediteren en eigenlijk ook in de bergen zou moeten mediteren en hier vooral een blog over zou moeten schrijven. Ze zeggen gelukkig dat meditatie precies het moment is waarop je weer bewust raakt van het feit dat je op pad …

Zeemeerminnen

Achter de haarspeltbochten tussen l’Argentière-La-Bessée en Saint-Martin-de-Queyrières loopt het riviertje van Rif de l’Oriol. Door de eeuwen heen heeft ze een kloof uitgesleten met twee golvende wanden op zo’n vier meter afstand van elkaar. Zodra toeristen voet in onze (zo noem je ze na een tijdje) bergen zetten, loopt de kloof ermee vol. Toegankelijke, schaduwrijke klimgebieden zijn immers schaars in Briançon. Met de rust in onze bergstad is het inmiddels gedaan. De straten zitten verstopt met vakantiegangers in auto’s en auto’s en auto’s, de rij voor de bakker is lang. Wanneer ik afdaal in de kloof met een touw op mijn rug en zomerzweet op mijn voorhoofd, krijg ik bijna sociale paniek. Zoveel mensen in een relatief nauwe ruimte heb ik al tijden niet meer gezien. Ik vlucht nagenoeg de kloof weer uit, maar mijn zus, haar vriend en Fieke willen graag klimmen. De bodem ligt bezaaid met touwen, tassen en lunchpakketten. Drie honden rennen achter elkaar aan, iemand zit op een klapstoel, koffie geurt omdat iemand anders zojuist een percolator heeft gezet. Frans, Duits, …