All posts filed under: Blogs

Mini-Nepali

Het gekke aan vliegtuigen is dat ze je in een mum van tijd aan de overkant van de wereld afzetten. Ze grijpen je in de kraag in Nepal en laten je achteloos slingeren in Quatar, en dan, opeens, openen ze hun poort naar Barcelona Aeroport. Ik heb het stof dat door scooters in Kathmandu werd opgeklopt nog in mijn neusharen. Onder mijn schoenen zit het modder van Annapurna en in mijn buik ongetwijfeld momo of lassi, ergens, in onherkenbare vorm. De geur van mijn kleren en haren komt van frituurvet in Thamal, de bruinige waas over mijn hippiebroek van alle banken en trappen waarop ik gezeten heb in de hoofdstraat van de chaos. Als ik achterin de glimmende auto van de Comamala’s over de spekgladde wegen door het kaarsrechte verkeer rond Barcelona gereden wordt, heb ik het gevoel dat Nepal nog over mijn huid loopt. Alsof minikoeien, kippen en apen en mini-Nepali op scooters en fietsen en te voet allemaal hun drukke wegen banen over mijn armen en benen. Vrouwen in prachtige stoffen die rieten …

Tijd om naar huis te gaan

Vanavond om half acht vertrekt onze vlucht naar Quatar, waar geluidloze witte treinen door kristallen ruimtes bebaarde sjeiks naar hun vertrekhal vervoeren. Onze wereld staat op het punt te veranderen. Na de lachwekkende controles van medewerkers van vliegveld Kathmandu, die verveeld staren naar een scanner die er volgens mij meer voor de vorm is neergezet, is het afgelopen met Nepal. Dan zijn er slechts nog de foto’s, herinneringen en mijn verweerde opschrijfboekje, dat me zo dierbaar is geworden dat ik erachteraan spring als het uit het vliegtuig waait. We spenderen onze laatste rupies aan masalathee en nutteloze souverniers. Ik neem mezelf voor om foto’s van Nepalezen te nemen, want na een sessie terugscrollen op de camera ontdek ik dat ik vooral koeien en apen heb vastgelegd, omdat mijn verlegenheid tussen hen en de camera niet opspeelt, terwijl ik de schaamteloze en hardnekkige straatverkopers niet om een foto durf te vragen. Ondertussen heeft internet zijn intrede in onze logementen gemaakt en staan we al met één been thuis. Thuis ja. De laatste bladzijdes van mijn opschrijfboekje …

De bootjes op het meer van Pokhara

Terwijl ik nog in Pokhara ben en onze vlucht pas over vier dagen gaat, ben ik al in de fase van het reflecteren beland. Alsof de herinnering te vroeg is ingezet en overlapt met het heden. De Nepalese impulsen onderscheiden zich niet meer van elkaar, ze vallen direct in de grote kist met plakker ‘Nepal’. De camera haalt het buitenlicht niet vandaag. Ik zwerf door de stad en dwaal langs het meer, drink een lassi of een kokosnoot – wat zich als eerste aandient. Maar misschien, als ik iets minder moe was geweest, dan had ik nog midden in mijn Nepalese verblijf gestaan. Als ik wat minder had moeten overleven afgelopen week, dan had ik de toeters nog gehoord, de frituurlucht nog geroken, de grote bruine ogen van al die kiddo’s gewurmd in een doek op de rug van hun mama nog gezien. Ik ben dood op. Zelfs al sliep ik vannacht tien uur en kijk ik inmiddels een dagdeel loom uit over het water, dan nog ontbreekt de energie om geïnspireerd te raken. Marcel …

Een hooibaal met een smartphone

Na een halve maand in Nepal heb ik geen idee wat als eerst geschreven moet worden. Ik zit momenteel in het relatieve paradijs van Pokhara, ten Westen van Kathmandu, waar boottochtjes over het meer en pashminasjaals tussen de hipstertentjes het meest relevant zijn. Een cocktail zoals Wiskey Sour kost 285 rps, nog geen drie euro. Angel en Marcel zijn niet te motiveren voor een cocktailavond, maar als ik me niet in kan houden, dan zijn er genoeg reizigers om van de straat te plukken. Geïnspireerd door Pokhara dwalen mijn gedachten vaak af naar het restaurant dat ik zelf op zou willen zetten. Zolang je niet van de toeristische paden afwijkt is Nepal erop gericht om het verblijf van de toerist zo comfortabel en Westers mogelijk te laten verlopen. Je hoeft hier niet persé te lijden onder een afwijkend idee van hygiëne en kunt rustig je toekomst uitwerken zonder spirituele afleiding of shock vanwege de praktijk in de derdewereld. Maar als je wilt, is er genoeg om over na te denken dat betrekking heeft op een …

Kikkervrienden

Ik ben in Nederland en ik heb geen jas meegenomen. Ik dacht dat het wel mee zou vallen. De wind, de regen en de grijze luchten; dat is het Kikkerland. Het is eind oktober. Maar ik ging ervan uit dat de wereld overal aan het opwarmen was. De zomer in Chamonix was dikwijls bloedheet en Angel zegt keer op keer dat de herfsthitte in het voorportaal van de Pyreneeën nieuw is. Het stelt me gerust, die wind. En mijn moeder heeft een jas te leen. Nederland. Ik weet niet precies uit welk land ik ben vertrokken noch in welk land ik terug zal keren, begin volgende week. Maar of het nu Spanje of Catalonië is: Deze oktober dragen tieners er naveltruitjes en oma’s wijde bloezen met korte mouwen. Hoogstens een fijn wollen vestje over de schouders. Je hebt daar nog even geen jas nodig. Mijn moeder haalde me gister op van Schiphol en ging mee op zoek naar het Nepalese Consulaat aan de Herengracht. De vrouw die de stempel in mijn paspoort zette was erg …

Een ander mens

Over precies een week ga ik met Angel en Marcel naar Nepal. Ongeveer een week geleden hebben we de tickets geboekt. Dit valt wel onder de noemer spontaan. Zelfs ik vind het vrij spontaan. Een vlucht op zich is snel gevonden en de plotselinge wending is mijn leven niet persé vreemd. Maar Nepal? De Himalaya? Ik hoop dat het vliegtuig niet neerstort. En ik hoop dat Angel het trekt. Hij is 62 en loopt nog fit door huis, maar wat Nepal met zijn tred uithaalt… Kathmandu lijkt me niet ingericht voor Westerse gepensioneerden. Maar er ligt een twinkeling in zijn  bruine ogen, echt waar, een onzekere twinkeling die niet kan ontsnappen. Ik probeer de gedachten aan Nepal te laten passeren zolang ze niet gaan over het organiseren van mijn visum. Zojuist nam ik een kop lauwe koffie op de veranda aan de achterzijde van het huis en daagde het me plotseling waarom. Ik ga namelijk op een avontuur waarvan ik de grote lijnen hier ter plekke kan uitschrijven. Daarmee bedoel ik niet de logistiek, van …

Met Fiek Électrique op Chic

‘Jumpy’ is de naam van de nieuwe auto van Fieke. Beiden zouden afgelopen week op bezoek komen, maar alleen Fiek kwam aan in Spanje (Catalonië?). Jumpy zat vast in de garage vanwege een defect klepje. Stom, ja, want anders waren we in één klap doorgereden naar Siurana en hadden we die wanden daar plat geklommen. Zo zonder auto was Siurana plotseling wel ver weg. In de buurt bij de varkensgenocidefabriek in Olot pikte ik haar op. Mijn lieve, blonde, langpotige Fransoos. Ik toonde haar mijn tijdelijke burgerbestaan bij de ouders van Marcel, het witte wijkje, de kat, en vond het eigenlijk wel grappig dat ze daar zo plotseling doorheen liep. Grappig en heel fijn, want nu kon ik haar de oren van het hoofd tetteren. En zij de mijne. Hoofdsubstitutie van Siurana was het klimmen in Sadernes, dat in eerste instantie niet doorging vanwege het wantrouwen van de Catalanen. Ze weigerden ons op te pikken toen wij bepakt en grijnzend aan de rand van de weg stonden, zodat we ons gedwongen zagen om koffie te …

Nepal

‘Papie’, zegt Marcel. ‘We gaan naar Nepal’. De vader van Marcel doet een siësta op de bank in de woonkamer. Hij opent zijn ogen en ziet de grijns van zijn zoon op nog geen twintig centimeter van zijn eigen gezicht. ‘We gaan naar Nepal’, herhaalt Marcel. Hij mompelt wat. ‘En?’ vraag ik als Marcel later mijn kant op komt. ‘Ja.’ Die grijns is er nog. ‘En jij?’ Naar Nepal, heel November, uit het niets, uit de spontaniteit van Marcel, uit het universum van waarom-niet; ga ik mee of blijf ik thuis? Waarom niet ja. Misschien is het geen ideale voorbereiding voor de examens, maar Marcel beloofd me dat we gaan klimmen, dat je sowieso in Nepal kunt klimmen, en anders trekken we ons wel ergens aan op. Dan ren ik een rondje door de Himalaya en doe ik sit-ups in een klooster. Een tocht in het hoog, hoog, hooggebergte zou overigens niet misstaan op de tochtenlijst. ‘Kunnen we met al het materiaal het vliegtuig in?’ ‘Ja joh.’ De vader van Marcel is sinds ruim een …

De varkens van Olot Meats

De toegang tot elektriciteit, internet en comfort transformeert me in een computerfreak die bijna in staat is een roman af te schrijven, tot ik me realiseer dat de zon schijnt en de dag buiten het digitale spectrum beter is. Maar als we het dorp uitrijden en de belangrijkste fabriek van Olot passeren, dan is diezelfde dag even pikdonker. Niet voor lang; voor hoogstens een minuut of twee. Want voor de rood geblokte gebouwen staan altijd grote vrachtwagens met horizontale luchtgaten die prijsgeven wie er binnenin het noodlot wacht. Of je ziet de roze billen, of de roze snuiten, en het zijn er veel. Ik weet niet hoeveel precies in zo’n vrachtwagen passen, maar ik weet wel hoeveel er per dag geslacht worden: ‘Handling 10,000 units per day, and with the capacity to increase this to 15,000 in the near future, we are one of the top European companies in the sector.’ Units zijn varkens. Maar dat dacht je misschien al. Soms laat ik mijn fantasie vieren en stel ik me voor wat er gebeurd met …

Het skischoenproject

Marcel maakt een skischoen. Niet van papier-maché, hout of fimoklei, maar van carbon. Al zijn we nog niet in het carbonstadium. Als je het gros van zijn passies en karaktereigenschappen bij elkaar neemt, dan rolt daar vanzelf een soortgelijk project uit. Marcel is boven alles een skitourfanaat. Hij is een (menselijke) variant van Kilian Jornett. Als je hem ’s winters zijn gang laat gaan, dan kom je hem louter tegen in zijn rode skitour-onesie, met zijn vederlichte ski’s en zijn haren warrig. Tegelijkertijd heeft hij een grenzeloze passie voor objecten en de wijze waarop ze functioneren. Materialen. Eigenschappen. In mijn eigen universum groeit alles aan een boom, in het zijne krijgt geen object rust voordat het ontleedt en begrepen is. En het liefst ook verbeterd. Inmiddels hebben we (ik zeg ‘we’ want de skischoen is min of meer mijn stiefkind) een lang traject achter de rug dat sinds gisteren een griezelig reëel ‘ding’ heeft voortgebracht. Een skischoen. In het begin was ik sceptisch, want ik dacht dat skischoenen door de kraamvogel in de etalage van …