Author: Ruby Elizabeth

Mag ik de waterpistooltjes houden?

Ik heb helemaal geen zin om op te ruimen. Met name niet om schoon te maken. Het soort schoonmaak dat nog ergens over gaat ook, want Adria en ik zien beide graag onze borg terug. Het ergste is nog dat ik dingen moet weggooien. Want ik heb nog steeds het stadium in mijn leven niet bereikt waarbij een opbergruimte hoort. Wat in een winkelwagen past, is van mij, de rest is een probleem. Ik heb het grootste gedeelte van de tijd een dak boven mijn hoofd, maar omdat dat dak zo vaak van gedaante verandert kan ik nooit ergens iets opbergen. Toen ik uit Amsterdam vertrok liet ik een deel van mijn spullen bij mijn ouders achter en nog het meeste op de boerderij van de ouders van Fieke. Mijn hele boekencollectie. Al die dagboeken. Verhuisdozen aan emotionele waarde. Er staat het een en ander opgeslagen in Marcels oude kamer in Spanje en alles wat ik deze winter heb geaccumuleerd ligt in stapels om me heen. Wat nu. Altijd reist de vraag: Wat is nu …

Aiguille d’Argentière

Ik ben er nog niet aan toe. Steepskiing, steil naar beneden skiën, hoe je het ook in het Nederlands noemt, ik vind het doodeng. Die diepte die onder me uit schiet brengt me ter plekke in een nachtmerrie. Uit de gletsjerspleet onderaan de helling steken dikwijls drie agressieve haaienkoppen en de rotsen met hun dodelijke tentakels wachten me bewegingsloos op. Kom jij maar hier, skiertje. Maak de fout maar. Zondagochtend stond ik op de top van Aiguille d’Argentière te wachten tot de sneeuw zacht zou worden. Als het ijzig bleef ging ik daar niet naar beneden. Niet op ski’s althans. En als het zompiger werd, moesten we het nog maar zien. Alleen de laatste helling vormt een uitdaging in de tour naar de Argentière. Glacier du Milieu begint dik en vriendelijk vanaf Glacier d’Argentière, slingert tussen de bergen heen en weer zoals ook de naastgelegen gletsjers Chardonnet en Améthystes doen. Plotseling echter wordt het steil en nauw, steil genoeg om niet op de ski’s en skins omhoog te kunnen en te nauw om te kunnen …

Gewoon weer de ski’s aan de voetjes: Domes de Miage

Ik was het best zat, dat skiën. Toen kwam er weer een lading sneeuw en dacht ik, shit, nu moet ik weer omhoog. Ik klim liever met blote bast langs een warme wand dan dat ik over een glibberige helling omhoog schuifel. Een heel skiseizoen is eigenlijk wel genoeg. Maar het skiseizoen is niet over als de sneeuw uit de vallei is weggetrokken noch wanneer de liften sluiten. Het is pas over als je eind juni in bikini aan de Noordzee ligt zonder motief om terug naar de bergen te keren. En zelfs dan kun je onverhoopt nog de Mont Blanc op. Nu heb ik een klein probleem: Ik zit nog niet aan mijn tochtenlijst. Daar prijkt een resterend zestal best ingewikkelde toeren dat ik voor Januari volgend jaar er doorheen moet jagen. Op de graspistes van December 2017? Of moet ik van de zomer een ticket boeken naar de Zuid-Amerikaanse winter? Handigst is toch wel om ze gewoon nu te doen, nu de sneeuw nog op loopafstand is. Plotseling blijkt mijn probleem echter een …

Met 50 km/uur naar de Italiaanse kust

Weg hier, weg uit Chamonix, uit de regen en de stilte die eerst zoveel vrijheid gaf maar ons nu zenuwachtig maakt. Op naar Finale Ligure. De Italiaanse kust en gigantische ijsjes voor maar drie euro. Drie bolletjes van smaak naar keuze plus slagroom plus chocoladesaus plus smartiedip, misschien niet heel Italiaans maar een monsterlijk feest. Zondag stappen we in de bus en nemen we de tunnel onder onze Mont Blanc door. Zodra we daglicht zien heeft Marcel opeens een intuïtie. Hij rijdt de scherpe bocht naar links en brengt ons Val Ferret in. ‘Hier ergens moeten de Grandes Jorasses zijn’, zegt hij. We rijden langs gigantische bergen in de avondschemer, een vallei zo heftig als Chamonix maar geen hond die er rondloopt. De volgende morgen is de natuur van ons, en ook het uitzicht op de andere kant van het Mont Blanc massief. Alsof we in het geheim even mogen koekeloeren wat er zich achter onze lievelingsbergen afspeelt. In de namiddag rennen we op ski’s de tegenovergelegen bergen op. Daarna springen we in de bus …

U hoeft niet onder de tietpers

Een jaar geleden stond ik voor de spiegel bij Chambre Neuf. Een grote spiegel in de wc, altijd in vol ornaat omdat het daglicht ongehinderd door het raam schittert en de lamp ’s avonds weinig aan de verbeelding overlaat. We droegen toen strakke, donkerblauwe shirts en omdat ik zelf nog niet uitgeteerd was door het skiseizoen kon ik precies de lijnen van mijn lichaam volgen. Hé, dacht ik opeens. Mijn linkerborst is groter dan mijn rechter. Ik was ervan op de hoogte dat borstmaten konden verschillen maar had tot dan toe gelijke borsten gehad. Na kort onderzoek moest ik concluderen dat er iets in de bovenkant van mijn borst was gekropen. Vreemd. Dat moet ik even laten controleren, dacht ik. Maar goed, dat doe je dan niet, want het leven in het hoogseizoen draait op hoog tempo en knobbels in de borst draaien daar ongehinderd in mee. Aan het eind van het seizoen werd mijn collegaatje plotseling wakker met een bult vlak bij haar oor. Ze ging naar de dokter en werd direct doorgestuurd naar …

Vergeet niet wat je achterlaat

Na het lezen van mijn laatste blog stuurt mijn moeder me een email. Ze omschrijft die dingen in het leven die ik zou missen als ik er nu per ongeluk uit zou stappen. Liefde, zegt ze, een gezin, een hond. Ze omschrijft ook die dingen die het leven zou missen als ik er nu per ongeluk uit zou stappen. Mij. Haar dochter. Het geheel van wat ik ben geworden. Dood is dood, denk ik altijd. Maar nu ze me wijst op hetgeen ik zou achterlaten realiseer ik me dat ik me nog niet in het definitieve van de dood bevind, maar in het potentieel van het leven. Ik zie de groei, ik zie de liefde, ik zie de mogelijkheid om te worden wie ik wil zijn. En alhoewel dood nog steeds dood is wil ik liever langer leven. Zo lang mogelijk en zo voorzichtig mogelijk bergen beklimmen. Zoveel mogelijk van de mensen in mijn leven houden. Van mijn moeder en vader, zus en broers, vrienden. En die hond. Ik wil leven en leven en leven …

Het gevaar van Chamonix

Een zucht. Ze heeft het overleefd. Afgelopen week viel een goed vriendinnetje van mij van een steile wand vlak naast Les Courtes. Ze schoot zo de brede gletsjerspleet over, hoor ik diezelfde dag nog van haar vrienden. Honderden meters aan verticale razernij. Ze vlogen haar naar het ziekenhuis waar ze de nacht moest doorbrengen, slechts als controle, want er bleek weinig aan de hand. Alleen een knie die een flinke tik had gekregen. Wat was er gebeurt? Chamonix praat. Ik hoor veel varianten van het verhaal voor ik mijn vriendinnetje zelf te spreken krijg. Ze was gaan skitouren met een vriend en ergens bovenaan de wand tijdens de afdaling gevallen. Te steil, te snel, ze had daar niet moeten zijn, hoor ik keer op keer. Welkom in Chamonix. Als ik haar dan uiteindelijk voor me heb zitten ben ik alleen maar blij dat ze uit één stuk bestaat. Ze begint te vertellen, beide aan de koffie, beide nog in leven. De tour was puur steepskiïng geweest. Ze was er met een vriend en dichtbij de …

Nieuwe schoenen en nieuwe ski’s

Al bijna een maand geleden maakte ik een testrondje op een paar Ubac ski’s van ZAG, een lokaal merk waarmee schijnbaar een hoop alpinisten het probatoire proberen. Mijn smalle en lichte skitrap ski’s bleven thuis tegen de muur leunen terwijl ik op deze twee blauwe monsters dwars door de mogels sneed. Holyshit deze skiën uit zichzelf. Wat een verschil. Maar ik kon ze niet kopen voordat ik ook een fatsoenlijk paar schoenen had. En dat is ingewikkelder dan je denkt: je wil ze licht voor naar boven en stevig voor naar beneden. De magische schoen die ook nog eens aan je voet past, specifiek jouw voet. Ik heb elke winkel in Chamonix geraadpleegd, rondjes gerend op hun tapijt, skibewegingen nagebootst en wist het na een maand nog niet. Die schoen die is er wel, maar ik ben het probleem. Ik heb namelijk geen idee. De aanschaf van het juiste materiaal vereist net zoveel ervaring als het naar beneden skiën zelf. Dit is (nog steeds) nog maar mijn tweede seizoen en mijn ervaring op verschillende soorten …

Daarheen vliegt de vogel

Het skiseizoen heeft me geleefd. Ik was de bar, de piste, de mensen waarmee ik omging. Begin December kwam ik aan in Chamonix met het verlangen om weer even bepaald te worden. Maandenlang had ik de tijd gehad om na te denken en alles te zijn wat ik wilde. Nu had ik behoefte aan een identiteit als bartender, een vast gezelschap dat me waardeerde, een rooster dat mijn ritme bepaalde, een groot doel als alpinisme en leren skiën, Ruby de vrolijke stuiterbal, ik had behoefte aan het gedachteloos rondrennen en overleven van het dagelijks leven. En nu? Nu sta ik weer op het punt om vrijgelaten te worden. Een vogeltje waarvan de kooi is geopend. Vlieg, vogel. Waarheen? Ik moet eerst in mijn hersenpan duiken en een grote schoonmaak houden. Als je bepaald word door je omgeving levert dat een hoop onzinnige gedachten en verlangens op. Nee, ik hoef geen superalpiniste te worden en grote bergen te beklimmen, ik hoef niet de grootste horecatijger te zijn en ik hoef ook niet modieus en mooi door …

Jaap de Witte

Chedde. Arrêt sur demande  Sneeuw! Er ligt sneeuw! Als een kind die een gloednieuw Legowagentje in de Bart Smitgids ziet, schreeuw ik het uit. Het rode treintje is net een wegsmeltend sneeuwveldje gepasseerd. Door de invallende nacht is het een nauwelijks te onderscheiden wittige vlek. Arnold en mam kijken verrast op. Vanuit het TGV-raam hadden we urenlang gekeken naar erg zonnig, maar vooral leeg Frankrijk. We concludeerden uiteindelijk dat er alleen in Parijs mensen woonden. De rest was een eindeloze groenige vlakte die hier en daar abrupt werd onderbroken door een onverstoorbaar setje Franse fauna. Servoz We turen uit het raam. Buiten is het pikzwart. De trein had net zo goed zojuist de Akropolis kunnen passeren; enig gevoel van locatie ontbrak. Was dat lichtje daar in de verte een bergdorp? Een lantaarnpaal? Een ufo? Een geit met een zaklamp? We weten het niet. Mam probeert inmiddels te ontfutselen wat er in het Frans op een bozig bordje staat in de hal van de coupé. Arnold staart naar buiten en kijkt geïntrigeerd naar de stationsopzichter met een grote baard en …