Gewoon weer de ski’s aan de voetjes: Domes de Miage

Ik was het best zat, dat skiën. Toen kwam er weer een lading sneeuw en dacht ik, shit, nu moet ik weer omhoog. Ik klim liever met blote bast langs een warme wand dan dat ik over een glibberige helling omhoog schuifel.
Een heel skiseizoen is eigenlijk wel genoeg.

Maar het skiseizoen is niet over als de sneeuw uit de vallei is weggetrokken noch wanneer de liften sluiten. Het is pas over als je eind juni in bikini aan de Noordzee ligt zonder motief om terug naar de bergen te keren. En zelfs dan kun je onverhoopt nog de Mont Blanc op.

Nu heb ik een klein probleem: Ik zit nog niet aan mijn tochtenlijst. Daar prijkt een resterend zestal best ingewikkelde toeren dat ik voor Januari volgend jaar er doorheen moet jagen. Op de graspistes van December 2017? Of moet ik van de zomer een ticket boeken naar de Zuid-Amerikaanse winter?
Handigst is toch wel om ze gewoon nu te doen, nu de sneeuw nog op loopafstand is.

Plotseling blijkt mijn probleem echter een gift: Twee dagen geleden maakte ik zomaar de mooiste alpine skitoer ooit. Zeg maar écht bijzonder. Dat ik even moest bijkomen van schoonheid toen we in de vallei aankwamen.

Les Domes de Miage, een drietal sneeuwtoppen boven Contamines, 3600m. Vanuit het dorp overbrug je een hoogteverschil van 2600 meter. Hop, hop, hop, alsof het normaal is.
’s Ochtends om halfzes begonnen we aan het wandelpad richting Refuge Tré La Tête, om zeven uur namen we koers richting de Conscritshut. Waar zijn ze, waar zijn ze, vroeg ik constant aan Marcel. Maar ze waren er nog niet, lagen gniffelend verscholen achter al die meters die we nog te overbruggen hadden.
In principe loop je om ze heen, je maakt een rondje: Door de bossen, dan door de rotsige vallei, dan over de Tré La Tête gletsjer die als een canyon gevangen ligt tussen twee wanden en daarna als een gigant naar de Domes de Miage loopt, een eindeloze witte tong tussen gigantische bergen.
En als je even niet oplet loop je zo tegen de Mont Blanc aan. Maar je slaat linksaf (tegen die tijd ben je bekaf) en loopt dan de nauwe, golvende graat van Les Domes de Miage op.
Om halftwaalf stonden we daar op de top. Tegenover ons lag de Mont Blanc, het hele ding, van arret tot arret, alles haarfijn zichtbaar. We pompten wat water en suiker in onze versleten benen en skiede vervolgens zo naar beneden, door een perfect laagje lentesneeuw. Over de Armancette gletsjer om het rondje te voltooien. Bochtje, bochtje, bochtje, geen wolk aan de lucht, geen enkele druk, niet één gedachte aan de tochtenlijst maar slechts alle zintuigen wijd open.

Die avond zat ik in de Pizzeria met mijn Italiaanse onderbuurman en mijn huisgenootje. De wc zat in de kelder. Ik kwam bijna de trap niet af en daarna bijna niet op. Maar de pizza was op in minder dan vijf minuten en de aperitief en digestief sloegen in als een bom.

Ik was het best zat, dat skiën, maar na deze toer heb ik me weer verenigd met mijn liefde voor het toeren. Gek genoeg lag er gisteren plotseling sneeuw in de vallei, zompig van hitte maar toch. Nu heb ik wel weer zin om mezelf over glibberige pistes omhoog te werken en de bergen door te zoeven. Nu vind ik het weer leuk.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s