Sprookje
Het is al lang geleden dat ik me realiseerde dat alles wat mijn leven is, voortkomt uit mijn eigen handelen en perceptie. Dat ik de wereld moet leren lezen zodat ik mezelf daarin kan schrijven. Dat ondanks alle wetten ik als mens, juist als mens, in staat ben om magie te maken of te vinden. Dat sprookjes me niet overkomen maar ik ze vorm of ontdek. En dat, mocht dit allemaal niet waar zijn, mijn ervaring van het geheel toch precies zo is, als een verhaal, als magie, en er niets voor mij verandert. Weggaan uit Amsterdam is de grootste toverspreuk die ik ooit gebruikt heb. Alle vaste dingen zijn gaan vliegen, kopjes tot leven gekomen, dieren gaan praten. De stad schittert. Mensen lopen rond met prijskaartjes waarop waarden van miljoenen staan. Het huis op de Sibogastraat is van snoepgoed. Elke vreemdeling is een potentieel, een sliert van een verhaal, een passerende emotie. Papa is een grote tovenaar en mama moeder Aarde. De oude gebouwen in het centrum worden bedreigt door een grote draak. Ik ben …
