All posts filed under: Blogs

De Redding is Nabij

Ze zijn van God los. De boeren, de Britten en bij toeval een deel van de mensen die ik onderweg ontmoet. Wiet, drank, seks. Ik ben beland in een foute videoclip geheimzinnig verweven door het meest dagelijkse leven. We waren heilig, in Nederland. Het is dinsdagmiddag en ik ben afgezet op de camping door een jongen met opgeschoren haar, gouden oorbel, zonnebril op een grijze dag en sigaret tussen de lippen. Hij pikte me op bij Mègeve, hij en zijn ‘client’ want hij was een taxichauffeur zonder taxibordje op het dak. En de lift was fantastisch, hij was onwijs op het randje, mignonne, mignonne, en had zo’n lak aan mijn Frans dat ik me vrij voelde om te lullen alsof het Nederlands was. Goed, hij zette me af bij mijn tent. De realiteit is mijn tent, ik zou het bijna vergeten. Ze staat er nog, donkergroen met rood, een beetje flodderig, mijn trotse onderkomen. Ik had haar niet heel strak opgezet omdat ik daar schijnbaar niet toe in staat was; de verkoper verzekerde me dat …

Talenfuck-up

Ik ben een schrijfster. Woorden bepalen mijn manifestatie. Zonder dat taaltje van me ben ik slechts een schim van mezelf. Ik dacht in Nederland: Mwah, dat Frans, dat leer ik snel genoeg als ik er ben. Tsjah. Werkgevers zijn weinig happig op het aannemen van gestotter en pardon, je ne comprends pas. Ik neem het ze niet kwalijk, ik heb zelf al geen geduld om naar mijn eigen frans te luisteren. Dat ze bij het café bereid zijn geweest om me aan te nemen kwam door een moment van verbluffende vaardigheid tijdens een klein testgesprek met de manager op mijn sollicitatieronde. Nu versta ik geen woord meer van het snelle geratel tussen collega’s. Ik ben nieuw, ik kan niet meepraten en ik kan mezelf als nieuw-zijnde niet positioneren zoals ik dat gewend ben. Dat is verdomde lastig. Ik moet geduldig zijn, accepteren en rustig blijven, mezelf vergeven wanneer het fout, en fout, en fout gaat. Want dat is de realiteit. Falen in horen, falen in spreken en falen in sociale situaties omdat je simpelweg niet …

De koeien van Savoie

– zaterdag 13 juni Het is stil in huis. Tim heeft zijn reis door Europa hervat en de boerin slaapt. Een week geleden belde een boer uit een hogerop gelegen dorp met de mededeling dat hij en zijn 62 koeien hulp nodig hebben, omdat de voormalige melkster de laatste dagen van haar doodzieke moeder bijwoont. Sindsdien werkt de boerin van drie tot zes ’s nachts en ’s middags. De lokale bevolking van Savoie, zij die hier altijd zijn geweest, zijn niet ver van primitief of bekrompen. Als ik de boerin mag geloven. De boeren komen zelden of nooit uit hun bergketen. Ze zijn het minst functionerende jongetje van de familie, zij die niet kozen voor de opleiding, de stad. Ze zien vrouwen als niet anders dan koeien en de wijze waarop ze de liefde bedrijven harmonieert met die visie. De bazen zijn volslagen geldbelust en onaangenaam naar hun werknemers. Men is rechts, extreemrechts, anders is eng. De vrouwen zijn jaloers en wantrouwend. Er worden lijstjes bijgehouden met een opsommingen van alle incidenten (verkeerde opmerkingen, per …

Tussenstand

Ik heb een baan. Het hotel schuin tegenover het station van Chamonix wordt gerund door Zweden. De baas is Zweeds, de chef-kok is Zweeds, de receptioniste is Zweeds, en ze zijn allemaal blond. De manager van de bar is Iers. Ze hebben een probleem. Normaal gesproken komt er elke zomer een lichting verse Zweden overvliegen om de drukte van het hoogseizoen op te vangen. Recent is gebleken dat de Zweden er niet meer zo’n trek hebben. Opeens zijn de eigenaren gedwongen om een stelletje locals aan te nemen. Lisa uit Groot-Brittannië. Nela uit Groot-Brittannië. Ruby uit Amsterdam. Ik heb een proefdag gelopen en ze hebben me aangenomen. Om vier stond ik voor de deur en pas om zes uur was de manager klaar met zijn andere afspraken. Om zeven uur verliet hij de bar en om acht uur kwam hij terug om met mij het diner te draaien. Ze zijn grappig. Spontaan. Ongeforceerd relaxed. Vooruit, ik moet wennen aan de nieuwe horeca conventies. Wennen aan het feit dat je samen met de baas filmpjes van helikopters …

Paraat

De dagen waarop je gniffelt, nestelt, krioelt in nieuwigheden en vaak denkt: Ja joh, dan doen we ’t zo. Constant aanpassen. Constant leuk doen. Vloeibaar als wat ben je. Kies mij. Accepteer mij. Er zit een groot verschil tussen drie weken op vakantie zijn en drie weken vorderen in je emigreren. Op vakantie ben je een vervelende toerist, de koning, geld. Tijdens emigratie ben je in eerste instantie overbodig. De samenleving draait al zonder jou. Dus je steekt je handen in de lucht en je springt. Tegelijkertijd manifesteert de samenleving zich anders: als een keuze. De hele tijd als keuze. De ijscoman verkoopt ijs en jij kiest niet alleen het bolletje, maar ook de ijscoman. En de straat waarin zijn winkel staat. En de bergen die de straat omringen. -Het voelt alsof ik de afgelopen weken naar een film heb gekeken waarover ik verplicht een mening moest vormen. Als een schoolopdracht des levens. Nu wil ik van mijn bioscoopstoel weglopen, in de film kruipen en leven, in plaats van bekijken. En ik wil niet meer …

Zomaar een Dag

Het onweert. Zojuist sprong het ligt uit. Het internet ligt eraf. Flits, flits, flits. De regen tikt zachtjes, voor hoe serieus het gedonder klinkt. Salut loopt met zijn staart tussen zijn benen door de kamers, op zoek naar een plek waar hij niet geraakt zal worden. Ik zoek vast mijn koplamp, voor als de avond straks valt. De boerin is nog weg. Tim werkt boven aan de site van het plantenbedrijf, of zal op het balkon rondhangen en kijken naar het weerspektakel. Ik ga op mijn bed liggen en klap mijn laptop open. De wekker ging om kwart voor vijf vanmorgen. Ik werd uit een droom getrokken en strompelde in onduidelijke stemming naar de douche. Het zweet eraf van het fietsen van gisteren. Ik wilde er niet uit, ik wil er nooit uit, maar ik hoorde het gerommel van Tim of de boerin door de houten muren. Het was tijd. Tim zette koffie. Salut trippelde om ons heen terwijl wij de kastjes uitkamden op eten. Melk op, kwark op. Ik herinnerde me dat ik gisteravond een …

Plantjes Plukken

Notre Dame de Bellecombe is een stil dorp. Het kerkje staat aan het begin van de straat, grote, lege appartementen aan het einde. Pubs, een bakker, een kapper en een souvenirwinkeltje volgen elkaar hellingopwaarts. De omgeving ziet groen van pistes. Als poten van een spin kruipen grijze skiliften vanuit het dorp de hoogte in. 1000 meter na de kerk, op een bergflank net om de hoek, in de nederzetting van Cheloup, daar vind je de boerderij. Later hoor ik van de boerin dat haar grootouders hier als eerste hun huisje bouwden. Inmiddels staan er een stuk of twintig chalets, allemaal nieuw, met keurige gazonnetjes, gekamde honden en loslopende modelkindertjes. En al die verse gezinnetjes hebben zich aangesloten op de enkele elektriciteitskabel van haar grootouders, waardoor het medium in de war is en de boerin elke twee weken haar lampen moet vervangen. Een bron van conflict. Wij zijn ‘de anderen’. Daar waar het gras ver boven de enkels groeit en een hond zichzelf een ongeluk blaft, daar waar je wakker wordt door het basgeluid van de didgeridoo …

4810 Verdwenen Meters

Een week lang struinde ik door de straten van Chamonix. Op zoek naar indrukken en gezichten, kijken of het beroemde oord mijn habitat zou kunnen vormen. Een regenachtige middag tussen twee alpinetochten is in principe genoeg om vertrouwd te raken met de winkelstraat, het gidsenbureau, McDonald’s Wifi. Het is een klein stadje. En toch, woont ergens maar één ziel, zelfs dan kan een plek vreemd en onontdekt aanvoelen. 9000 duizend zielen en een hele hoop toeristen, ik zeg je, Chamonix is een oneindig groot continent voor mij. Ik snap nog niet hoe dag en nacht zijn opgebouwd, de glans in de ogen van een Chamonees zegt me weinig. Misschien heb ik onderschat hoezeer een stad waarin je gaat wonen uitgroeit tot een mysterieuze en opdringerige aanwezigheid. Complex als een mens, ontvankelijk naar gelang je eigen inzet en aanpassingsvermogen. Aan de andere kant, misschien overschat ik nu, na deze eerste week, het belang van Chamonix als stadseenheid. Het is een locatie, een verzameling mensen, een historie of een specifiek pakket aan mogelijkheden. Maar voor mij zal het slechts mijn vrienden, …

Via Wie

De Snel Sports in Chamonix verkoopt een grote, overzichtelijke collectie aan outdoorspullen. Op de schoenenafdeling werkt een klein enthousiast Frans mannetje die zijn taak serieus neemt. Hij wacht rustig op je uiteindelijke keuze, aanschouwt je twijfelingen met ernst en vertelt ondertussen dat hij zelf het liefst bij de Aiguilles Rouges klimt. Achter de balie schuifelt een jonge Spanjaard van kassa naar gadgetwand. Hij zit verlegen om communicatie; zeg je één woord, dan heb je een half uur conversatie. Hij is ook nieuw in Chamonix. Als je lift tussen Albertville en Chamonix, dan kan er zomaar een autootje met een bloedmooi meisje stoppen dat als bouwvakker werkt. Ze heeft allemaal linkse ideeën en poneert ze zonder er rekening mee te houden dat jij misschien niet zo goed Frans spreekt. In elk geval, ze kent mensen bij een uitzendbureau in Salanges. Op de hoek van de rotonde in de buurt bij de Mediatheek ligt het restaurant MBC. Een bar strekt zich uit langs de rand van een grote houten ruimte, waar de stoelen en tafels versleten zijn en de serveersters …

Jägerbomb

–Hi, I’m Ruby, I’m working here tonight? Een meisje met lang bruin haar en vriendelijke ogen knikt bevestigd. Ze begeleidt me naar een ruimte waar ik mijn jas kwijt kan, een opslag ontoegankelijk voor gasten. Kennismaking met dat soort plekken is tot nu toe immer een voorbode geweest van een eerste werkdag in de horeca. Terwijl ik mijn jas op een krat leg denk ik: Nu is het gedaan. Nu kan ik niet meer terug. Vanavond werk ik bij Monkey. We lopen terug naar de bar. Ik zie Regien, Fieke en Dorien plaatsnemen op een klein balkonnetje linksboven het café met uitzicht op de bar, en laat ze verdwijnen uit mijn bewustzijn. Op lange borden hoog in de wand staan rijen cocktails en shotjes. Zal ik het meisje meteen maar zeggen dat ik geen idee heb wat er in een Long Island gaat? Dat ik alleen drink als speciaalbiertjes het aanbod vormen? En helemaal niet drink als ik ‘in training’ ben en naar Chamonix ben gekomen om te alpineren? Ik houd nog even mijn mond …