Uh…Trabajo?
‘Tranquile’, zeg ik. ‘Trrrrranquile’. Nee. ‘Trrrrranquile’. Onze -r? Met je tong tegen je gehemelte, zeggen de Spanjaarden, en dan blazen. Dat kan je niet!? Oh. En als je nu het grommen van een kat nadoet? Hé, daar heb je hem! Dan moet je alleen die -g loslaten. Grrrrrr… Ik heb in feite weinig -r, en als ik hem wel uitspreek klinkt het in de oren van Spanjaarden als een -g. Marcel verbied me om in het Spaans te zingen voordat ik de Spaanse -r beheers. Ze hebben überhaupt geloof ik geen -g zoals wij Noord-Hollanders die zeggen, zodat je dus ongegeneerd hun taal volgooit met een misplaatste, scheurende klank. Ik kan me voorstellen dat ’t stoort in de Rumba. Daarom loop ik rond door de heuvels achter het huis van Marcel en oefen ik de verhemelte-r. ‘Tranquile’, zeg ik. ‘Trrrrrrranquile’. Dat kun je beter stil tussen de bosjes doen, alleen al om de spot en het ongeloof over je onkunde te ontlopen (je kan het écht niet, hè? – hm, nee). En ja, je voelt …





