Moeder, Zus en Dare
Het regent in Chamonix alsof de weergoden een poeltje zoeken om in rond te dobberen. Wie vlak na Les Houches een stuwdam bouwt, heeft morgen een volwaardig stuwmeer. Dan zouden we, als de zon schijnt, met de boot naar de instap van onze routes kunnen. In deze doornatte omstandigheden laat ik mijn moeder achter bij de bushalte in Chamonix. Ik weet dat, als alles verloopt zoals afgesproken, er straks een bus langsrijdt die haar afzet bij het vliegveld in Genève, waar vervolgens een vliegtuig langs vliegt dat haar afzet in Amsterdam. Maar omdat ik daar allemaal geen getuige van ben, voelt het alsof ze gewoon in een lichtflits (geïnspireerd door al dat onweer) straks weer op de bank tussen mijn vader en de kat zit. Wie laat zijn moeder nou achter in een bushalte in Chamonix? Met de wetenschap dat ze dadelijk door een Britse transferdriver ontvoerd wordt, weg uit de realiteit waar ik grip op heb, weg uit mijn mogelijkheden? Was ze er überhaupt wel, of heb ik dat gedroomd? Het gekke is dat …








