Vanaf Morgen
Morgen ben ik mank. Gelukkig voor maar een tijdje. Ik herstel gewoon, weet niet precies hoe lang ’t zal duren, maar in de toekomst ligt huppelen als een geitje door de weide. Door de alpenweide. Het is vooral het idee dat de hele affaire spannend maakt. Vreemde mensen die aan de haal gaan met de functie van mijn enkel op een gepland tijdstip. Alsof ik sta ingeschreven bij het instituut der verboden fysieke experimenten. Nu loop ik, morgen niet meer, en daartussen zit een kwaadaardige dokter die pezen verzameld in glazen potjes, op eindeloze planken aan de wand van lange gangen op de immer gesloten en in duister gehulde afdelingen van het AMC. De waarheid is anders. Ik heb een goede arts die zijn best gaat doen om me ongehinderd terug de bergen in te sturen. Bergen die ik overigens laatst nog zag. Vorige week bezocht ik Sion, het kleine stadje waar de helikopter me bracht na de val. Als je maar hoog genoeg uit het dal van Valais kruipt zie je in de verte het …
