Author: Ruby Elizabeth

Een referendum

De ouders van Marcel staan om vijf uur ’s ochtends bij de crèche op de hoek van de straat. Als wij uit bed komen, zijn zij net even op plaspauze in huis. Een pak koekjes wordt weggegrist en daar gaan ze weer. Als Marcel eenmaal achter de televisie plaatsneemt, beweegt hij zich niet meer. Het nieuws verspreid zich wederom door de vertrekken. Halverwege de ochtend besluit hij een kijkje te nemen bij de crèche op de straathoek. Ik mag eigenlijk niet mee omdat ik niet weet waar mijn paspoort is, en schijnbaar wil je die liever bij de hand hebben. Maar ik ga toch, heel even maar, omdat Marcel in gesprek raakt met zijn buurtgenoten en ik me verveel. Maar de dag zal nog enerverend worden. In de rest van Catalonië krijgt het geweld langzaamaan vorm en wij kunnen dat allemaal via het beeldscherm volgen. De Spaanse politie drijft een menigte uiteen terwijl een paar Catalanen terug blijft keren naar de plek waar ze niet meer mogen zijn. Een T-shirt scheurt, bloed wordt gefilmd. Goh, …

De televisie staat vaak aan. Nu zit zelfs Marcel er zo nu en dan achter. Laatst aten we in de keuken en besloot het gezin toch maar met bordjes op schoot voor het scherm te zitten. Ik bleef achter aan de keukentafel en hoorde het Catelaans door de halfopen deur naar binnen komen. De Catalaanse vlaggen wapperen aan de huizen, maar dat doen ze al zo lang dat het rood en geel vaag is geworden. Toen we gingen wandelen met de vrienden van Marcel, kreeg ik tot ieders hilariteit op de top van de berg zo’n vlag in mijn handen geduwd. Marcel is blij dat hij onherkenbaar op de foto staat. In het centrum zie je het woord sì overal opduiken, we zagen er zelfs een dame mee fietsen, op de achterkant van haar rugzak. Graffiti op de stadsmuren herinnert ons aan de democratie. De radio ratelt aan één stuk door over hetzelfde onderwerp. Tussen vrienden en in huis wordt er veel over gesproken, maar natuurlijk in het Catalaans, dus moet ik het hebben van …

Een evenement in Olot

‘Vanavond is er een evenement in Olot’, zegt de vader van Marcel. Ik weet niet of er absurd veel evenementen in deze stad plaatsvinden of ik zelf nooit alert ben geweest op de evenementen in mijn voormalige woonplaatsen. Buurtfeesten, concerten, initiatieven, traditionele optochten, er komt geen einde aan. Ik denk dat het hieraan ligt: Olot is groot genoeg voor de organisatie van een hoog aantal evenementen, maar klein genoeg om daarvan ook steevast op de hoogte te zijn. Via de buren. Of de dame achter de kassa van de supermarkt. Nu is er dus weer een evenement in Olot en word ik zo rond zeven op een fiets gezet. We dalen af naar de andere kant van de stad en zetten onze fietsen langs de rand van een betonnen plein, waar zo’n twintig mensen in kleine groepjes met elkaar in gesprek zijn. Tussen hen door loopt een oud mannetje in een zwart satijnen broek, op gevlochten leren sandalen met zijn grijze haar in stekeltjes op zijn magere hoofd. Hij wordt aan me voorgesteld als de …

Onder de bloementjes op weg naar het Paradijs

Snel spring ik de douche in voor we op pad gaan. In de keuken staat een tas met groenten en koekjes. Marcel zet op de valreep nog wat nieuwe muziek op een stikkie terwijl ik de instrumenten inlaad. En de klimspullen. En boeken en schriften en specifiek Le Code de la Route, want sinds ik voor het theorie-examen sta ingeschreven is er geen ontsnappen meer aan. Helemaal schoon zit ik daarna in de bus op weg naar Siurana. SIURANA! Terug naar het paradijs. Na twee jaar. Waar ik een entree maak in kleren die naar bloemetjes ruiken en haren die in sluike, vetvrije plukken langs mijn schouders vallen. Wat heb ik hier grenzeloos veel zin in.

De fabelachtige achtertuin

De natuur is fabelachtig. Ik zit al een tijdje in Spanje, in het witte wijkje op de vulkaan nabij Olot. Hier schreef ik over de helderblauwe riviertjes en oranje rotsen terwijl Marcel nog een relatief vreemd projectiel binnen mijn leven was. Toen waren de zonsondergangen nog exotisch, net als zijn ouders en de huizen waarin zijn vrienden wonen. Inmiddels verbaas ik me niet meer om een kip meer of minder. Een doordeweeks diner om elf uur ’s avonds. De klanken van het Catelaans, waar ik overigens nog steeds geen enkele grip op heb, tot mijn schaamte. Waar ik me echter wel om verbaas is Sadernes, het gebied waar we bijna dagelijks heenrijden om ons sterk te maken voor de klimexamens. Het decor kan ik dromen, of misschien droom ik wel als over de paden loop. Dit is de natuur die ik alleen van Spanje ken en die zoveel verschilt van Nederland en de bergen. En dan bedoel ik niet eens de kunstlijn of de Pyreneeën, die heel mooi kunnen zijn, héél mooi, ik heb het …

De cirkel van liederen

‘Zo spiritueel als een spruitje’, schiet het door me heen zodra ik hoor van het evenement waarvoor Marcel via Facebook is uitgenodigd. ‘Gaan we nog naar dat voodooritueel aan zee?’, vraag ik hem in de loop van de middag. ‘Ja.’ ‘Hoever is de zee van hier?’ ‘Afhankelijk van met welke auto je gaat, een klein uurtje.’ ‘Weet je zeker dat het vanavond is?’ ‘Duna zegt van wel, ja.’ ‘Moeten we ons voorbereiden?’ ‘Nee.’ ‘Verwachten je ouders ons thuis?’ ‘Ik heb hen niet gezegd dat we op weg zijn.’ ‘Is dit niet vaker?’ ‘Niet dat ik weet.’ ‘Dus we gaan?’ ‘Ja we gaan.’ Er zijn geen redenen om niet te gaan. Ik had kunnen vragen of ze wel zaten te wachten op ‘het vriendinnetje van’ dat zo spiritueel is als een spruitje, maar ik kende het antwoord al. Tuurlijk. Iedereen is welkom. Wie weet heeft dat vriendinnetje er wel gevoel voor. Het was niet specifiek een voodooritueel dat we bij zouden wonen, maar wel iets zweverigs. Een vriendin van Marcel (Duna) is drie jaar geleden naar …

Een Hollandse Koe

Er zit een Spaanse familie in de keuken aan het middagmaal. Gazpazzo in tinnen bekers, kaas, een salade van tomaten en olijven waarover ze olijfolie en zout strooien. De stokoude oma zit tevreden tussen haar dochter en kleindochters in, die haar allemaal helpen de groentetuin in orde te houden en daarvan profiteren. Fruit gaat rond, ze lachen, vrolijk Catelaans dat door het raam van het meer dan drie honderd jaar oude huis komt. Dan komt er een luid ‘hola’ door hetzelfde raam naar binnen. Een mannenstem. De oudste dochter gaat van tafel, loopt de witgeverfde stenen trap af en komt even later boven met een jonge Spanjaard. Hij groet de dames en zegt dan, terwijl hij weer de trap afloopt, ‘wacht, er komt nog iemand’. Er klinkt gestommel en geluid, zijn dat hoeven op de treden? Oma heeft inmiddels veel langs zien komen, maar dit keer vermoed ze dat er iets in aantrede is dat haar eeuwenoude keuken nooit eerder gezien heeft. De jongen verschijnt terug in de ruimte, om zijn hand het uiteinde van …

Het soort schrijver dat ik zou willen zijn (diegene die er rijk van wordt natuurlijk)

Ik heb me willen ontpoppen tot vele soorten schrijvers. Elk mooi boek dat ik gelezen heb is geschreven door iemand wiens stijl ik wel had willen afpakken. Als mijn moeder zich een breuk lachte om een column, dan wilde ik hilarisch zijn. Als ik in de krant een boekenrecensie las waarin de schrijver werd geprezen om haar natuurlijke dialogen, dan wilde ik daar ook bekend om staan. Soms wilde ik kritisch zijn. Soms wilde ik voor jonge kinderen schrijven, dan zou ik mijn zus laten illustreren. Vaak heb ik de wens gehad om belezen over te komen. Nog bijna schreef ik me in voor een opleiding journalistiek, tot ik me realiseerde dat ik het afgelopen halfjaar geen krant had opengeslagen en bij mijn broer moest informeren naar de stand van zaken in het Oosten. Ik moest en zou even reisverhalen schrijven, maar het hoge aantal reisverhalen van Facebookgenoten beroofde me van mijn zelfvertrouwen. Zij waren buiten Europa geweest. Ik niet. Om financiële redenen wilde ik schrijven zoals JK Rowling. Eveneens om financiële redenen wilde ik …

Tocht 6: Traversée des Aiguilles Rouges d’Arolla

Hé, Evolène, roep ik verbaasd uit. Dat ken ik. Daar heb ik drie zomervakanties doorgebracht en mijn eerste biertje buiten ouderlijk toezicht gedronken (of met verbazing toegekeken hoe mijn zus biertjes dronk, zoiets). Evolène lag in onze lievelingsvallei. De opblaaskrokodil van een campingvriendje, zijn oudere broer en het bijbehorende zwembad lieten ons elk jaar weer terugkomen. De omliggende dorpen zeggen me echter niets meer. De namen niet, de bergen niet en de weg erheen roept alleen herkenning op wanneer we die gekke torens passeren: Les Pyramides s’Euseigne. Waarschijnlijk heb ik hier in de omgeving zo’n beetje alle wandelingen gemaakt, maar zo diep in mijn fantasie verzonken dat ik er geen enkel heb opgeslagen. Het enige dat ik wel herken: Een vakantiegevoel. Het is vanwege een suggestie op de tochtenlijst van de ENSA dat ik zo opeens Evolène inrijdt (dit had iemand me toen eens moeten vertellen: Over x aantal jaar rijdt je hier met je Spaanse vriendje in een oude ambulance/jehuisopwielen de vallei binnen om professioneel klimmer te worden). Uit eigen beweging waren we Zwitserland …

Van achteloze douche naar douche van ware liefde

En nu ben ik er verdorie klaar mee. Ik wil een douche. Geen douche op fietsafstand van een sporthal aan de andere kant van het dorp, die nu en dan de kleedkamers sluit wegens misbruik door niet-leden. Geen soort-van douche in een idyllisch stroompje ijskoud gletsjerwater. Geen washandje dat met een lading zeep heus het een en ander schoon schrobt. Ik wil een douche in HUIS, binnen een paar overdekte stappen, dat je aan een knop draait en er zielig veel warm en kraakhelder water uit stort, net zolang als ik durf weg te dromen onder de stroom van bewuste verspilling. Zo’n douche wil ik. Ik walg van mezelf zodra ik hier weer moeilijk over dreig te doen. Geen douche! Ruby, wat een leed! Je bent vast de enige op deze aardbol die soms geen toegang heeft tot een douche! Nu moet je plakkerig van het zweet je bed in, wat zal je eveneens ongedouchte vriendje daar wel niet van vinden! Het vriendje is de kunst van dit leven eigen en heeft er hoogstens problemen …