All posts filed under: Blogs

Had ik geld

Bivakkeren in gebergte is een bijzondere ervaring. In slaap vallen tussen je reuzenvrienden en wakker worden met het besef dat je met hen de donkere hemel hebt gedeeld, dat maakt om drie uur opstaan nauwelijks een opgave. De eerste drie keer. Maar de zooi die in de tas omhoog moet om een bivak mogelijk te maken nestelt zich als een steek in je ruggengraat. De wolken laten je donsslaapzak bibberen van  angst en het voedsel raakt op nog voordat het weer omslaat. Had ik geld, dan zou ik weken hoog blijven. Gedurende slechte dagen zou ik doorzakken op speciaalbier van de hut en me ’s ochtends het lager uit laten schoppen door  de venijnige huttendame. Nee, nee, ik zou geen vuile blikken meer krijgen van de waard omdat  ik teer op zijn voorzieningen; omdat ik stiekem warm zit in een hoekje van zijn eetzaal, stiekem kook onder zijn afdak, stiekem neem van zijn gletsjerwater of spiek van zijn weerbericht. De waard zou van mij houden zoals hij van zijn omzet houdt. De gidsen zou ik …

Moerasnamen

Lac du Goléon ligt aan het einde van het dal schuin achter la Grave. Riviertjes uit de bergen van Goléon splitsen en voegen zich samen, zo eindeloos dat een zompig stuk aarde voorafgaat aan het meer dat ze voeden. Ik steek eerst door het oude la Grave, door Ventelon en Hières, en volg een breed karrenspoor steeds verder van de dorpen. Dan slinger ik langs lichtgroen gras en donkere toppen, tussen lichtgrijze rotsblokken en donkergrijze echtparen, hoger en hoger tot ik de 600 hoogtemeter overbrug. Slecht weer in de morgen maakt dat het al tegen vieren loopt. Een kleine stoet klimmers trekt voorbij me, met matjes, touwen en helmen op de tas gebonden. Maar Goléon blijkt alleen en dus ik ben alleen. Ik loop langs de oever van het meer en volg over een kleine grasrug. Ik ontdek het moeras. Een klein dal zo plat en nat als Nederland, begrenst door bergen in plaats van door zee. Op de helling naast het pad zie ik een naam, geschreven met stokachtige stenen, en ik denk aan de schrijver. Omdat ik alleen …

La Gravaan

Een jongetje van nog geen acht heeft besloten dat ik interessant ben en fiets me met grote vaart achterna op zijn minimountainbike. Hij schiet langs me en bedenkt dan pas dat hij te verlegen is om iets te zeggen. Zo gaat dat elk bezoek aan het toiletgebouw. De campingdame vraagt naar mijn plannen en is grootmeester in de bezorgde blik (meisje alleen). Ze probeert me aan de bakker te koppelen. De bakker is de vrolijkste man die ik ken, althans, zolang hij bakker is, want ik ken hem alleen als bakker. De chocolademuffins van zijn zaak zijn goed, met zo’n zacht hart en stukjes chocola bovenop. Maar ik weet niet meer of ik aanklop voor de muffin of voor de vrolijkheid van zijn bakker. De dame van de buurtsuper vindt mij niet aardig, of haalt haar vreugde ergens anders dan uit mijn geld, of heeft gewoon nog niet de kans gegrepen om een glimlach op te zetten. Mijn glimlach wordt zoeter met elk bezoek, ik denk dat zij gaat denken dat me iets mankeert, maar …

Compagnon Goethe

Ik droom over Kimberley. Ze wekte me elke morgen met een zangerig moooorning, maar nu loopt ze aan mijn tent te sjorren en voel ik dat het grootst mogelijke onheil buiten de tent wacht. Opdat ik mijn intrede doe. Pas na een trits waarschijnlijk hoorbare verwensingen word ik wakker. Geen Kim. Ik lig op de camping van la Grave, en het openritsen van mijn tent geeft me zicht op de Tabuchet gletsjer. Ik heb tien dagen voor mijzelf, en ik moet bekennen dat ik nog nooit tien dagen alleen ben geweest. Alleen zonder context van een kamp, stad of ander soort geruststelling. Ik lig en denk en bedenk als eerst dat ik me nu kan verwaarlozen totdat ik naar mijn eigen mening in het onwenselijke beland, ver nadat ik wegens conventies of bezorgde ondertonen doperwten in mijn mik zou hebben gegooid of zonnebrand zou hebben opgesmeerd. Ik kan elke maaltijd baseren op chocola of te lui zijn om naar de winkel te gaan, zodat ik überhaupt geen maaltijd heb. Ik kan te laat op pad …

Ijzersterk

Ik doe geen concessies aan de kwaliteit van mijn leven Niet door de zwakte van mijn geest Niet voor kwantiteit Niet voor anderen Zolang ik vrij ben Ik produceer waarde Ik heb de wereld en ik heb de mensen als voorwaarde, als bron, als doel Maar ik alleen, ben de waardeproducent Ik ben vrij Ik ben het meest bijzondere dat ik heb Ik ben mijn enige belangrijke prestatie Ik doe geen concessies aan de kwaliteit van mijn leven Niet door het idee van de maatschappij Niet door de zwakte van mijn geest Niet voor jou

Voorbereidingen en voorspellingen

De paklijst. Ik kan een hele vakantie in mijn alpienbroek rondlopen, maar ik wil het niet. Ik wil een spijkerbroek mee. Een normale BH. Sneakers. Ik wil conditioner omdat ik anders mijn haren molesteer, en een grote en een kleine bikini omdat ik krimp in de bergen. Ik wil mascara mee. Een zonnebril die eerder hip dan effectief is. Deodorant. Een fles factor 20 en niet alleen factor 50+, zodat ik nog een beetje kleur krijg. Een retrolegging. Twee Buffs. Verschillende kleuren stiften. Een klein olifantje dat me aan het thuisfront herinnert. Ik ben meer dan bereid om ijdelheid, gewoonte of luxe mee te zeulen. Zo blijkt, ik ben nog niet volledig barbaar geworden. Het financiële overzicht. Ik heb 100 tot 150 euro om per week uit te geven. Dat is voor verblijf, vervoer, eten en loltrappen. Een slecht getroffen hut met helikopterchocolademelk kan me zo drie dagen eerder naar huis dwingen. Hoeveel eten heb ik werkelijk nodig? Wat zijn toegestane uitspattingen? Ik moet bivakkeren en mezelf de verleiding van gemakken of groepsprocessen verbieden om …

Het verhaal van de steenman

Ik ga niet terug naar het ontstaan van het gesteente, want daar weet ik niets vanaf. Wat ik wel weet, is dat er eens een best wel grote steen onderscheiden werd van alle andere best wel grote stenen, doordat het zaadje van een roze bloem in een windvlaag precies naast hem op de grond terecht kwam. De roze bloem werd toevallig net iets groter dan de andere bloemen en trok de aandacht van een meisje. De steenman kreeg voeten Het meisje droeg een hoedje van katoen en een tuinbroek van spijkerstof. Ze zwenkte heen en weer over het pad, van interessante modder naar interessante kever, van bloem naar mierenhoop naar rots. Haar ouders liepen een paar meter achter haar en soms waren zij ook interessant genoeg. Maar nu zag zij een roze bloem die net wat groter was dan alle andere bloemen en liep ze er in rechte lijn naar toe. Van het pad. Haar ouders volgde haar en besloten precies daar te gaan lunchen waar het meisje was gaan zitten: op een best wel …

Als het niet klopt

Er staat een meisje te wachten bij een bankje aan de straat. Ze staat er al een tijd, haar haren bruin en ogen nog bruiner. Voor jou. Haar schoenen gekozen. Voor jou. Je bent vroeg vertrokken van huis maar hebt de afstand onderschat. Nu denk je, zal ze er nog staan? Hoe hard zal je moeten fietsen? Je hebt muziek op. Muziek die je vader draaide in de studeerkamer en verstoord werd door jou kloppen. Of muziek die je opving in de winkel en krampachtig probeerde te onthouden. Door deze muziek alleen ben jij de hoofdpersoon. Je leven wordt een verhaal. Van hoger zie je jezelf om de hoek rijden, langs de groenteboer, langs de speeltuin, langs de flats en de bossen. Over een brug en onder een brug, de hele tijd op weg. Ze zal je de fiets laten neerzetten en bij de hand pakken. Ze zal je zachtjes meetrekken over de straten en laten zien wat haar zo boeit. Haar stevige schoenen brengen jullie overal. Ze zal je wijzen op de zon en …

Het probleem van een boom

Als ik een boom teken, dan weet ik nooit zo goed wat ik met de blaadjes moet doen. Het zijn er namelijk zoveel. Als ik begin met één mooi blaadje, dan moet ik zo honderd mooie blaadjes tekenen. Mijn broer loste het wel eens op door allemaal krullen te tekenen, maar zijn boom toonde toch minder gelijkenis met een echte boom. Ik  zou ook een winterboom kunnen tekenen, maar dan krijg ik een probleem met de takken. Want mijn takken beginnen altijd aan de verkeerde stam, en lopen heel vreemd over andere takken heen, of erdoorheen. Soms zijn ze te recht en soms veel te lang en dun, dat ik zeker weet dat zo’n tak in het echt allang  afgebroken zou zijn. Eigenlijk heb ik zo’n probleem ook met de wortels. Wanneer gaat een wortel de grond in? Ik kan ook een boom tekenen door alleen de contouren te volgen. Maar ik moet dan,  om de boom minder een Hoofddorpboom te maken, nerven in de stam tekenen, want die maken de boom oud, levend en vriendelijk. …

Biertje

Ik stuur mijn ouders naar Ailefroide dit jaar. Ze gaan wandelen. Mijn vader gaat foto’s maken van gesteenten, zijn studie heeft zich een weg naar het heden gebaand.  In mijn gedachte waren het altijd de bloemetjes die de stoet ophielden, maar nu worden het dus de steentjes. Mijn moeder gaat een boekje lezen en weigeren stijgijzers te dragen. Vooraf aan een tocht dwongen ze ons de voeten in te tapen. We kregen zonnebrand op onze neuzen en in onze nekken. Het begin van elke vakantie zocht ik een stok die niet van mijn zijde mocht wijken, hoe hinderlijk het ding ook zou worden.  Ik stopte stapels stenen in mijn rugzak, omdat die van die glimmertjes hadden. Ik liep achter mijn zus aan, in een windvlaag zweefde zij omhoog. Of ik bleef hangen bij mijn moeder. Ze droeg het stokbrood, de kaas en de jam, de jassen, de zonnebrillen en alles dat ons veilig hield. Mijn vader droeg het kompas en de kaarten, de hoogtemeter en boeken met plantjes en bloemetjes. Jaap stapte rustig naar boven. Altijd de …