De Kluizenaar van Coupeau

Vriendjes maken in Chamonix is best moeilijk. Seizoenarbeiders komen en gaan en komen nooit meer terug. Als bartender in een après-skitent worden de kameraden je in de schoot geworpen, maar wat blijft daar na een jaar van over? Facebookvrienden. Zweden in Zweden, Britten in Engeland en Spanjaarden in Spanje. Helaas ligt de valleitrouwe Chamoniard ver van het type dat je met open armen in de klimhal opwacht. Na drie jaar en een hoop gemeenschappelijke uren in dezelfde verstikkende ruimte, kijken ze je nog steeds aan alsof je hun privéfeestje crasht.

Slechts een klein, onlogisch netwerk doorstaat de wisseling van seizoenen; mensen waarvan je vergat dat je ze eens begroette, contacten die nieuw leven ingeblazen kunnen worden of vrienden die onverwacht tevoorschijn springen uit de krochten van hun eigen Chamonix. Maar bij gebrek aan zelfinitiatief, loopt de kluizenaar van Coupeau enigszins het risico haar dagen in eenzaamheid te slijten.

Soms denk ik dat ik toch contactgestoord genoeg ben om uiteindelijk ongeschikt voor het seizoenleven te blijken. Een mobiel die in de gletsjerspleet valt is namelijk een prettig excuus om dan maar van de aardbodem te verdwijnen. Ik ben graag alleen. Ik hou van boeken, stille skisessies en ongestoord dagdromen. Het ontmoeten van vreemden blijft een onderneming. Na zesentwintig jaar lijk ik toch nog niet geheel aan de andere mens gewend. In retrospectief had ik beter mijn nest trouw kunnen blijven, waar mijn oude kroegbaas me, vlak voor mijn emigratie, nog voor gewaarschuwd had ook. Die vriendengroep die je nu hebt, Ruby, die ga je nooit meer ergens anders vinden.

Ik schrijf dit verhaal omdat ik twee weken geleden een Frans (!) meisje heb ontmoet dat zich direct als een terriër in me heeft vastgebeten, en ik verbaas me daar nog steeds om. We liepen beiden – in ons eentje – op ski’s langs de pistes van Les Houches omhoog en raakten bovenin aan de praat. Toen ze erachter kwam dat ik me net als haar aan het voorbereiden was voor het gidsenexamen, veranderde ik ter plekke in een zeldzaam potentieel: Een vriendin die klom. Die losliep. Die het stugge karakter van Chamonix kende. Die muziek maakte. Die moeder wilde worden. Die het alpinisme niet als hoogste levensdoel koesterde maar wel verdomde graag de opleiding binnen wilde komen.

De kluizenaar van Coupeau klapt sindsdien ongecontroleerd in haar handjes.

Ik weet niet wat fijner is: De mogelijke vriendschap met haar of de wetenschap dat ogenschijnlijk sociaal functionerende meisjes net als ik moeite hebben om in (de mannenwereld van?) Chamonix te aarden. Misschien ben ik dan toch niet zo individueel ingesteld als ik dacht, of komt de vallei me eindelijk eens tegemoet door iemand pontificaal op mijn pad neer te zetten die mij net zo graag ontmoet als ik haar.

Misschien, realiseer ik me nu, mis ik vriendinnen meer dan vrienden. Vrouwfiguren die mijn queeste naar badschuim begrijpen en toch het touw dragen. Laten we in godsnaam niet voorbijgaan aan Marcel, Adria en Millan, die zo’n constante factor vormen dat ik ze klakkeloos onderwaardeer.

Dan, om af te sluiten een tip van mijn vriendinpotentieel: Als je nieuw bent in Chamonix en wil dat de Chamoniard naar je lacht, klim dan 8a. Dat schijnt behoorlijk te helpen.

_DSC3673Egzon
Fotocredits: Sam de Goede

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s