Micha en de ezel

20 November. We zijn nog steeds bij de ouders van Marcel. Het lijkt erop dat de kat (Micha) mijn aanwezigheid eindelijk heeft geaccepteerd, laatst kwam ze namelijk dichtbij me op de yogamat liggen. De kat van de buren (twee keer groter (dikker) dan Micha) laat zich met vier omhooggestoken poten in de armen van Marcel heen en weer wiegen, maar als ik goedemorgen-kat zeg sprint ze weg. Daar moet ik dus nog wat aandacht (kattenkoekjes) aan besteden.

Welkom in Spanje. Of specifiek: Het kleine witte buurtje in Olot dat tegen de oude vulkaan opkruipt en meer katten en honden huisvest dan buurtgenoten. Als de ene hond begint de blaffen, blaffen ze allemaal.
En de bejaarden zeggen ‘Ola’ tegen me.

Ik ben nog niet vergeten dat ik in een vreemde cultuur rondloop. Of laat ik zeggen: Dit is Spanje, kader Spanje, vreemd maar ik ken het al. De shock is overigens nooit groot geweest, het is geen India hier. En toch, als ik erop reflecteer realiseer ik me dat alles een beetje anders is. Het soort natuur dat zich door de ramen toont, het kleurenpallet van de dorpsstraten, de oude stenen nederzettingen buiten Olot, het klimaat, de etenstijden en in feite non-stop eetcultuur en niet te vergeten: de warmte van mensen (vriendschappen, eerste ontmoetingen, gastvrijheid: ik weet niet hoe het is om in een Noordelijke cultuur te belanden, misschien net zo warm. Maar het gaat ver hier; ik ben nooit een buitenstaander, net zo veel vriend in de vriendengroep als zij die samen zijn opgegroeid. Eerlijk waar, alsof ik hier een gewaardeerd bestaan had nog voordat ik voor het eerst voet in Olot zette).
Ik twijfel overigens wel of ik over Olot in Spanje kan spreken. Olot is diep Catalaans. Mensen uit Barcelona zijn al vreemdelingen. Vrienden van Marcel hebben hun stamboom klaarliggen, de Spaanse burgeroorlog, Franco, het leeft, het is recent, het is belangrijk. Het idee van ‘onafhankelijk willen zijn’ is me in feite drie keer vreemder dan de etenstijden en ik zie of voel het overal.

Maar toch nog even over het eten: Laatst gingen we weer op bezoek bij Joseph, die woont in het landhuis waar ik tijdens mijn vorige verblijf al zo lyrisch over geschreven had. Het huis met de ezel en het paard, beide nog geen twee jaar oud, de gigantische groentetuin, de kippen en het kleine hondje, de piano en gitaren, de eettafel van vier meter; dat huis. We kwamen toevallig tegelijkertijd aan met de moeder des huizes, die ons twee grote manden gaf en opdroeg om groenten uit tuin te halen en eieren uit het kippenhok. In de keuken had ze ondertussen de tafel afgeladen met gerechten, uit het niets, uit de koelkast, uit de tuin. Er was huisgemaakte druivensap en appelsap, brood, salade, quiche, spinazietaart, kaashapjes, olijven en een amandeltaart toe. Zoiets krijg ik nog niet voor elkaar op een feestdag. ‘I like cooking’, zei ze verontschuldigend. Iedereen hier in Spanje houdt van koken.

Ik ging natuurlijk weg met een hoop aangewakkerde dromen (en een mandje met groenten), precies zoals afgelopen Juni. Met name de ezel maakt diepe indruk op me. Geef mij een ezel voor mijn verjaardag – en het bijpassende huis. Desnoods in Catalunya; ik mis de bergen, brood met Nutella in de middag en zal me nooit bij de seperatisten scharen, maar de rest zie ik wel zitten.
En dat hart van Micha en de buurkat verover ik nog wel.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s