Eat less, do more

Het klinkt als de lijfspreuk van een anorexiapatiënt. Eat less, do more. We hoorden hem langskomen in een kleine documentaire over een ijsklimmer, als deel van een lange zin met een reeks geboden. De man zocht in elk opzicht het uiterste op, als gevaarlijk middel om de essentie van zijn bestaan uit te breiden.

Deze woorden bleven hangen.

Eet minder, maar doe meer. De boodschap behoeft weinig uitleg en is magisch aantrekkelijk. Het doet me denken aan het lichaam van een sporter, als zijn project, als een beeldhouwwerk en een machine. Het aannemen van deze lijfspreuk zou leiden tot een bijzonder efficiënte machine, en dat op zich voelt al nastrevenswaardig. Alsof het lichaam er volmaakter van zou worden, los van uiterlijke kenmerken. Alsof het zich onafhankelijk en vrij over de aarde zou kunnen voortbewegen, in de meest optimale situatie.

Alhoewel we de spreuk voor de zomer als mantra hadden aangenomen, ging het er in de bergen significant anders aan toe. Eten moesten we zelf omhoog zeulen. We aten vaak uit één pan en hielden scherp de lepel van de ander in de gaten. Eten werd nagenoeg de doorslaggevende factor op een dag; niet omdat we een feestmaal wilden bereiden en ons imago van de kwaliteit zou afhangen, maar omdat we maar beperkte hoeveelheden beschikbaar hadden en moesten bedenken hoeveel we ons op basis daarvan konden inspannen. Eat more, so you can do more. Eten was nadenken en rantsoeneren. Light and fast, nog zo’n soepel Engels woordenpaar, dat onder jammerlijke omstandigheden evolueert in Light and less. De zomer bewees ons dat een lichaam zich niet onafhankelijk en vrij over de aarde kan voortbewegen. We waren mensen, en schokkend behoevende machines.

Maar doorgaans zijn we niet op tocht. Eten hier vormt geen extra gewicht en lijkt in de koelkast aan te groeien. Eat less, do more vindt pas aantrekkelijke grond in een overvloed aan beschikbare producten en kan ons pas dan van het mooie, illusoire streven naar een volmaakt lichaam voorzien- volmaakt in de betrekkelijke context van een sporter. Daarbuiten kan het slechts dienen als een gevaarlijk middel om bijvoorbeeld de essentie van ons bestaan uit te breiden, of als een meedogenloze veroordeling wegens bijzonder slechte omstandigheden.
Het is een luxe spreuk. Misschien pas magisch aantrekkelijk als we hetgeen dat we minder eten, eat less, geven aan diegene die het nodig hebben. Do more.

Liever, echter, val ik niet deze lijfspreuk af, en dat is geloof ik ook niet zozeer nodig. Zolang ik me blijf beseffen dat ik in de bevoorrechte positie leef om zo’n spreuk te kunnen hanteren valt me slechts nog te verwijten dat mijn do more op mijzelf gericht is, en niet op hulpbehoevende anderen.
Toch, onze efficiënte machines zijn een stuk minder belastend voor de wereld, waardoor de wereld ons, misschien, onze decadente motivatie wel kan vergeven. Dus:

Eat less. Do more.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s