Bergen, Blogs
Comments 3

Dit is dus spleetklimmen



Een tijdje terug schreef ik over sportklimmen: klimmen over een rotswand langs een lijn met haken.

Voor klimmers heeft die rots een reeks treetjes en greepjes waar ze allerlei namen voor hebben. Een grote greep noemen ze bijvoorbeeld een bak, een randje heet een reglette in het Frans en een klein gat heet een pocket in het Engels. 

Bij spleetklimmen klim je net zoals bij sportklimmen over een rotswand naar boven, maar langs (of in) een spleet. Je klimt niet persé van greep naar greep en van tree naar tree, maar wurmt je voeten en handen (of vingers of hele lichaamsdelen) in de spleet. Het is een wereld apart. Technieken zijn nodig die je als sportklimmer niet persé beheerst. Je kan dus, na jaren van sportklimmen, compleet beginner zijn in spleetklimmen.

Allereerst maar weer een filmpje: Hazel Findlay in een heel moeilijke spleet in Utah.

Noor


Het spleetklimmen draait om de breedte van de scheur. Afhankelijk van de ruimte tussen de twee wanden klem je er een deel van je lichaam in vast. Dat kan een stel vingers zijn, je vlakke hand, je vuist of als je het maar gek genoeg wilt, je hele bovenlichaam. Ondertussen klem je er ook je voeten in vast, je knie of je hele onderlichaam. Je zou volledig door een spleet verslonden kunnen worden. Maar meestal begin je toch wel met een bescheiden hand- en voetverklemming (de Engelsen hebben het over jammen: hand jam, fist jam, knee jam etc.).

Die verklemmingen vereisen best wel techniek, omdat je het passende lichaamsdeel op de juiste manier moet verklemmen, wil je er vervolgens aan kunnen hangen. Dat vergt enerzijds kennis en beheersing van het verklemmen zelf, en anderzijds een hoop ervaring. Spleten zien er immers allemaal anders uit, ze lopen alle kanten op en variëren telkens in wijdte. Om snel de juiste verklemming te vinden moet je het toch wel een paar keer gedaan hebben.

Voor de aspirant spleetklimmers onder ons zijn de filmpjes van de Wide Boyz leuk om kijken, daarin worden de klemtechnieken helder uitgelegd.


Afgelopen week gingen Thibault en ik op een kleine spleetklimstage en daar was ook Bas Visscher: een spleetklimmer met de ervaring en kennis om ons de hele bedoeling correct aan te leren. Naast heel gezellig (ik herhaal héél gezellig, want Bas is héél gezellig) was het ook lastig. Spleetklimmen voelt, met name in het begin, als systematisch wanhopig ledematen achter een stuk rots klemmen. Waar ervaren spleetklimmers zich als klittenband in de scheur haken, leg ik de verkeerde verklemmingen op de verkeerde plekken of voel simpelweg niet hoe mijn ledemaat geacht wordt in de spleet te blijven hangen onder belasting van mijn lichaamsgewicht. Op de sporadisch solide jam na verbruik ik al mijn (wils-)kracht razendsnel om toch maar een soort van in de wand te blijven.

Het doet ook nog eens best wel pijn.

Ik zou het omschrijven als pijnlijk en wanhopig.


En toch heb ik een enorme drang om het spleetklimmen te beheersen. Het ziet er niet alleen bijzonder mooi en natuurlijk uit wanneer iemand als Bas door een scheur ‘wandelt’, maar het voelt ook, occasioneel, als iets heel krachtigs en efficiënts. Het volgen van een scheur in een rots is dwingend en logisch. Waar routeopeners hun routes verzinnen op basis van verschillende kenmerken van een rotswand (die greepjes en treetjes waar ik het eerder over had), kan er omtrent een spleet niet zoveel worden verzonnen. De natuur geeft de hele uitdaging in die enkele spleet.


Wat in dit verhaal natuurlijk ontbreekt (zoals jullie klimmers ongetwijfeld al hebben opgemerkt) is de wijze waarop deze spleten worden afgezekerd. Spleten zijn bij uitstek geschikt om ‘zelf’ af te zekeren, dat wil zeggen: zonder boorhaken. Bij aankomst in een spleetklimgebied zit er dus niets menselijks in de muur, behalve misschien wat ledematen van onervaren spleetklimmers zoals ik.

Omdat ik zelf nog in het stadium van ‘poging tot beheersing van verklemtechniek’ verkeer, laat ik het afzekeren van de spleten nog even over voor de volgende blog. Dat is namelijk best ingewikkeld en interessant genoeg voor een eigen verhaal.

Bas, bedankt voor de tips, de foto’s en motivatie, zonder jou waren Thib en ik wanstaltig slechte spleetklimmers gebleven (het gaat inmiddels iets beter). Wat hoop ik op een dag het niveau te bereiken om samen wat bescheiden (berg?)scheuren aan te vallen. Ik zal er hard aan werken.

En Noor, mijn andere voorbeeld, guerrière, wat ben ik blij dat onze paden zich bij toeval zo even hebben gekruist en ik je heb mogen leren kennen.


Bas

Hieronder een fimpje van hoe het dus moet, Bas die klimt. Kijk hoe mooi!

3 Comments

  1. Heel beeldend gebracht, jouw ervaringen. Wat een overweldigend gevoel moet dat zijn als je daarboven raakt.

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s