Le Rosier

_DSC9479

Tussen het dak en de muur hebben tientallen kolmezen een nestje gebouwd. Ze fluiten wat af, die beestjes. Alsof er altijd iets geregeld moet worden, alle dertig een andere mening, van ’s ochtends vroeg tot ’s avonds laat.

Het huis dat me heeft opgevangen, is een huis van verloren zielen. Een oud, koud, krakend, stenen boerenhuis en tevens opvangcentrum voor gebroken harten en getroebleerde geesten; passanten bij wie het leven al heeft toegeslagen. Na een week in het tweede dorp van Vallée de la Clarée, Le Rosier, in de mezzanine van een bijzonder gezelschap, wist ik nog steeds niet wie er precies woonden. Maar er werd accordeon gespeeld op de bovenverdieping en vuur gemaakt in de openhaard; overal lagen briefjes met vriendelijke boodschappen (vrienden, ik kom terug over een week, amusez-vous bien) en tijd werd verdreven met boeken en spelletjes.

Ik heb me zelden zo goed gevoeld in een huis en een omgeving. De vallei zit vol klimgebieden en klimmers, de gang puilt uit van klimmateriaal en de boekenkasten worden gevuld door topo’s. De drukte van Briançon is zowel ver weg als dichtbij; we zitten op zeven kilometer van het centrum, vijf minuten met de auto, een half uur met de fiets, zo’n 200 meter hoger, kouder en stiller. En mijn huisgenoten zijn drugsbaronnen noch nachtbrakers. Het zijn volwassenen die niet raar opkijken als ik met gekleurde krijtjes aan de keukentafel zit, want ze hebben zelf ook gekleurde krijtjes. Bourgondische sportievelingen, mediterende springveren, vrolijke denkers.

Toen ik een cake wilde bakken, was alles al in huis: Vijf verschillende soorten bloem, vers en gedroogd fruit, noten, kruiden, chocoladepastilles, marsepein, potten vol geheime ingrediënten, een lade met bakvormen en een koppige oven. Ik hou van deze plek.

Bij het juiste perspectief geven de ramen uitzicht op een steile rotswand, dan lijken we te wonen in een ruig, verticaal landschap, misschien zelf wel op een rots geplant als een elvenhuis, met witte rozenstruiken tegen de muren en ronde toegangspoorten voor kleine bewoners met puntige oren. Maar Vallée de la Clarée is juist weidt en groen en doet me denken aan koeien. Dagelijks fietsen zo’n vijftig wielrenners richting Refuge Laval of Italië. Ze hebben de gewoonte om hard te praten en wij volgen hun conversaties vanuit de achtertuin. Ons terras ligt de hele dag lang in de zon en als er niet gewerkt wordt, dan wordt er ontbeten, gerookt, geconverseerd of gedineerd. Onder de fluitende kolmezen.

Het leven laat zich op het moment van verschillende kanten zien en zette me hier af. Met een beetje geluk mag ik hier blijven.

 

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google photo

You are commenting using your Google account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s