De mode van outdoor

Voor  mijn eerste C1 kreeg ik spullen toegeworpen. Van belang was alleen de zonnebril, rood en snel. En een oranje notitieboekje, dat ik vlak voor de cursus met aandacht uitzocht. Een week lang reisde het mee in de flap van mijn kleine rugzak en richtte ik eindeloos woorden aan mijn moeder. ‘Vandaag was heel leuk en morgen gaan we naar de volgende hut. Papa en Suus vinden het ook heel leuk. Vandaag hebben we soep met een bal gegeten.’

DSC00847
                  Eerste Alpine Outfit

Op mijn eerste Asacweekend werd ‘materiaal’ voor het eerst relevant, maar wist het zich nog niet als concept te onderscheiden van alle andere dingen in de wereld. Ik had mijn oude Uggs, een grijze joggingsbroek en een groot vest van mijn broer aangetrokken. In mijn tas zaten Haribo, Redbull, muziekboxen en een slaapzak van de Decathlon.
Het was koud in Ith. Anna had een expeditievader en zweette zich dood in haar geleende slaapzak, terwijl ik met wijd open ogen de nacht ervoer. Overdag kroop water door de gaten van mijn schoenen. Kou nestelde zich in elke centimeter van mijn ruggengraat. Mijn broek zakte af en moest na elke pas in de toprope opgetrokken worden. Rondom de instructeurs wemelde het van jassen en broeken van dure en mooie stoffen, maar ik had er geen oog voor. Materiaal rinkelde aan hun gordels.

Tegen de tijd dat ik de materiaallijst van de C1 kreeg toegestuurd had ik aardig kennis gemaakt met de mogelijkheden. De mode van outdoor. Felle kleuren en fijne stoffen met lange verhalen over kwaliteit, producten met een praktisch doeleinde, een hang naar al dat licht en onverwoestbaar is, en zo mogelijk een extra drukknop verscholen onder het dekseltje van de Perco om bij nood je leven te redden.

Het verlangen naar kwaliteitskleding diende zich steeds vaker aan. Ik dronk koffie bij Bever en Zwerfkei en liet een knaagdier los in mijn bankaccount, onder het motto ‘in één keer goed’. Goretex en Softshell en G1000 en Windstopper. Ik had geen idee, dus ik liet het goede bepalen door de wijzen van de Asac en de ‘slimme’ van de winkel. Ademend, isolerend, zwetend, wandelend, vliegend, magisch, mythisch.

Duur.

Alpine Outfit nummer 2
Alpine Outfit nummer 2 – (de helft geleend) Met als topstuk vader’s zonnebril

Na het eerste jaar wist ik dondersgoed dat ik nog niet rond was. Spaar ze alle…(?), ik mankeerde tenten, thermosflessen, gasflessen, ijsboren, pikels, tarps, bivakzakken, thermobroeken, handschoenen, camelbags, donsjassen, bijlen, katrollen, grigri’s, lawinepieps en lakenzakken. Laat staan eigen protectie. Mijn rack bestond uit drie nutjes: Een rode, groene en donkerblauwe.

Nu ik halverwege mijn derde klimjaar zit luister ik nog steeds met verbazing naar conversaties over materiaal en voel ik me wederom de idioot met de Uggs en joggingsbroek die nog nooit van Primaloft heeft gehoord. Ongelovig tuurde ik van de winter naar een paar drytoolschoentjes en poogde ik verwoed om treffend te formuleren wat een absurde eenheden die dingen vormden. De gedachte om het aan een klimleek uit te leggen wekte alleen maar hilariteit.
Maar ik heb ook aan wijsheid gewonnen: Alleen een tocht, een beklimming, een eigen avontuur kan me vertellen of ik het juiste aan materiaal heb aangeschaft. Daarbij, waar ik eerst geneigd was iemand met leipe Goretexcapriolen en gordels vol ijzerwaar als topalpinist te classificeren herken ik nu het soort klimmer met teveel geld.
En er bestaat ook zoiets als ‘luxe’, waar een simpel extra laagje volstaat, en iets als ‘lenen’,  waar het geld beter aan warme choco op hoogte besteed kan worden.

Sinds outdoormateriaal twee jaar geleden stilletjes mijn bewustzijn binnen is getreden, heeft een deel zich ook weer naar het onbewuste begeven. Ik betrap mezelf regelmatig op verbazingwekkende keuzes van een kleur boven kwaliteit, een voorliefde voor een bepaald merk en een ongegrond idee van hipheid van het een of ander. Voor ik weer het knaagdier loslaat moet ik bij mezelf te rade gaan waarom ik werkelijk iets wil; voor ik 300 euro in een imago steek.
Soms waan ik me weer terug in Heemstede en lijkt Maison Scotch vervangen door Arcteryx, de Ipad door GPS-achtigen en Maison de Bonnetrie door de Bever. Waarom een pikkel van Grivel: omdat dat hij goed is, of omdat hij geel is? Waarom een dons: omdat ik er één nodig heb, of omdat ik er nog geen heb?

Expeditie ‘hip de berg over’. Mijn boodschappenlijst bestaat voor nu uit een brander, een alpienbroek, een pickel (tsjah, ga ik nou voor geel?) en eventueel een tent.
Misschien een oranje notitieboekje, zodat ik mijn moeder kan vragen om geld voor een broek bij de H&M. Dan kan ik ook het dagelijks leven fatsoenlijk door.

One Comment

  1. Regien Winnubst

    Genieten!

Leave a Reply

Fill in your details below or click an icon to log in:

WordPress.com Logo

You are commenting using your WordPress.com account. Log Out /  Change )

Google+ photo

You are commenting using your Google+ account. Log Out /  Change )

Twitter picture

You are commenting using your Twitter account. Log Out /  Change )

Facebook photo

You are commenting using your Facebook account. Log Out /  Change )

Connecting to %s