Elke avond, als ik ga slapen, zet ik mijn geest in het bushokje.
Dan komt de bus.
En ben ik weg.
Soms gaat mijn geest zelf in het bushokje zitten, tijdens een saaie presentatie.
Dan hoop ik dat de bus niet langskomt.
Hé, eruit, fluister ik dan.
Twee minuten later zit ze er weer.
Soms is het juist andersom. Dan lig ik in bed en zet ik mijn geest keurig en op tijd in het bushokje.
Een enkele oogwenk later vind ik haar terug.
Op reis of aan het puzzelen of hordelopen.
Of in de boekwinkel, grijnzend.
Dan pak ik haar bij haar nekvel en zet haar terug in het bushokje.
‘Dat dacht je’, hoor ik haar denken.
En daar gaat ze weer, de hort op.
En ’s ochtends?
Dan wordt ze netjes gewoon, op tijd, weer afgezet.
Of nou ja.
Soms twijfel ik.
Dan is het tien uur ’s ochtends en heb ik toch het gevoel dat er iets mist.
Terwijl ik bovenlangs mijn koffiekop staar.
Heb ik mijn geest wel opgehaald vanmorgen?


Je moet niet zoveel drinken… 😂
Hoe beeldend neergezet.
Zo wordt een yogaoefening ook een beetje om te lachen.
Lachen is gezond.
Jij maakt ons gezond.
Zo’n hokje staat overigens ook bij mij in de straat 🙂
Dicke kus X