Archives

Welkom bij mijn verzameling aan projecten! Hier vind je het resultaat van mijn avonturen met de camera, kunstzinnige uitlatingen zoals het skischoenproject en de wijntak, sprookjes en fimpjes, maanlicht en zonsondergangen, kortom: Alles dat zich niet in een enkele blog laat vangen. Veel plezier op de pagina en vergeet niet: Als je een vraag hebt, een idee, een eigen project dat gedeeld moet worden, neem contact met me op: rubyelizabethdewitte@gmail.com

Tigrou

Hij is het sukkeltje van het dorp. Alle katten lachen om Tigrou. Hij is de laatste nieuwkomer en zijn territorium reikt niet veel verder dan zijn eigen balkon. Vooral de overdreven wollige grijze merkkat die steevast poeslief tegen onze benen komt schuren, is zìjn grootste uitdager. Ik heb Tigrou gezegd dat we hem een keer kaal zullen scheren, die kat. Dan voelt hij zich vast een stuk minder dominant. In huis is Tigrou echter een koning.Een luie, luie koning.

Snack

  Op een gekke plek aan de Dodekattenkippenweg, deels in het bos, woonde eens een kunstenaar. Hij opende een snackbar die hij zelf in elkaar had geknutseld, met bomen die midden in het restaurant naar boven rezen, dwars door het dak, en keukens voor koks onder de anderhalve meter. Hij is dood, inmiddels, maar zijn restaurant leeft door als je het mij vraagt, vol ongedierte, boze geesten en de occasionele drugsgebruiker die er met gevaar voor eigen leven onderdak vindt omdat het gebouw niet persé aan de normen voldoet. De ‘Snack’, zoals het hier in de volksmond heet, ligt vol met schatten: Grote houten kisten, fotolijsten, gaas, vreemde meubelen, borden, kopjes, smerig en deels vergaan maar vol potentieel (eveneens aanwezig: stapels papieren van de gemeente om de man uit te zetten, porno-DVD’s en net een beetje enge schilderijen van vrouwengezichten). Fieke heeft zo’n fotolijst vandaag voorzien van nieuw leven met een tropische vlinder. De buren hebben drie lege schilderdoeken opgedoken en mij de opdracht gegeven om een olifant te schilderen. Op het tweede doek komt …

Coronamonster

Zoals ik al had geschreven, had ik behoefte om corona een gestalte te geven. Met hulp van mijn familie is dit monster ontstaan: Voorgaande monsters zagen er zo uit: Ook Fieke had een duidelijk idee van corona: Ik wacht met smart op andere monsters. Voel je vooral geinspireerd.

Familie in Winter

Ze waren er allemaal. De hele familie, al die mensen waarvan ik zoveel houd, hier bij me met kerst. Wat een zegen dat we allemaal zo gezond zijn, zo blij, dat we met zijn allen rondjes op de pistes kunnen draaien en elkaar uit kunnen lachen. Voor de foto’s van mijn superfotograaf broer, klik hier. Voor de foto’s van mijn superfotograaf zus, klik hier (niet gerelateerd aan de vakantie maar zo mooi mooi mooi).  

Mijn kunst

Vergeef me het verkeerde perspectief en de scheve ogen. Geen uitdaging is groter dan het recht op papier krijgen van twee ogen. En neuzen gaan ook aan de wandel. Weet je wat me nou echt leuk lijkt? Met name wat betreft portretten? Dat ik op een gegeven moment wat eenvoudiger de uitdrukking te pakken krijg en een schilderstijl kan ontwikkelen. Nu ben ik constant in gevecht om precies te schilderen wat ik zie en wanneer het dan eindelijk op die persoon begint te lijken, dan durf ik er niet meer aan te zitten. Het enige wat mij onderscheidt van een kopieerapparaat is mijn kleurgebruik (ik geloof dat de uitdaging van de juiste kleuren nog een beetje teveel is) en mijn scheve verhoudingen. Goed, stap voor stap. Ik moet trouwens zeggen dat het fantastisch is om uit te vogelen wat het precies is, dat iemand op zichzelf doet lijken. Waarom een berg opeens op een berg lijkt. Hoe een klein streepje een heel schilderij kan veranderen.| En als ik gewoon schilder vanuit mijn hoofd, als een …

27-02-2019

Als we hadden geweten dat het de laatste dag zou zijn   Ik kan er nog heen, die ochtend. Vanaf het moment dat ik wakker werd, het ontbijt, de voorbereiding, de conversaties en gezichten, ik herinner me alles nog. Niet even scherp of chronologisch, maar het voelt recent en dichtbij, zo dichtbij dat ik bijna terug in het lijf van mijn herinnering kan kruipen. We wisten het niet. In een wereld waar we niet bang voor de dood zouden zijn geweest, had ik het graag geweten. Dan was ik die morgen voor een laatste keer met jullie het leven in gedoken en zouden we ons compleet hebben verloren in de verdomde onbegrijpelijke magie, de mooie willekeurige waanzinnige bullshit van ons bestaan, want niets had toch meer uitgemaakt. Dan had ik het onderscheid tussen onze fysieke wezens willen opheffen, gevlogen als vogels, vijf zielen die als één lot een lange, betoverde morgen door de bergen zouden dwalen, langs de witte gletsjers, de warme lucht, de rotsen die ons niets zouden kunnen maken. Maar de dood is eng. En we …