Month: June 2018

Hibou

Een Hibou is een uil, maar dan in het Frans. Het is ook de naam van het eettentje waar ik tegenwoordig in werk. Een miniscuul afhaalrestaurant waar de uilen overal stilzitten: Op schilderijen, theedoeken, vazen, servetten, kunstobjecten, enzovoort. Het klinkt ouderwets, maar Hibou is allesbehalve. Het is een lichte, zonnige, vrolijke hipsterplek waar ze curry’s, wraps en salades verkopen. Ik sta achter de toonbank en moet van alles weten of het vegan, vegetarisch, glutenvrij of lactosevrij is. Er is een schaal van heetheid (aantal pepertjes) en zoveel keuzeopties dat nieuwe klanten vaak tien minuten naar het menu staren voordat ze vertwijfeld om een aanbeveling vragen. ‘Geen idee, mevrouw’, zeg ik dan, want ik eet doorgaans witbrood met nutella. Omdat het nog redelijk rustig is, laten ze me helpen in de keuken. Ik heb wortels geraspt en rondjes uit deeg gesneden, die in muffin- en quichevorm in de vitrine kwamen te liggen. Niemand weet dat ik het doodeng vind om betrokken te worden bij het kookproces en ik doe nog steeds alsof ik alles onder controle …

Stil op een matje

Ik kan me het moment nog precies herinneren dat ik me voor het eerst bewust werd van mijn eigen denken. Mijn moeder en ik fietsten over de Wagenweg, weg van Haarlem, en ik was een jaar of tien. Fanatiek dagboekschrijver. En opeens, daar, tussen het trottoir en mijn moeder in, op een snelheid van zo’n vijf kilometer per uur, realiseerde ik me dat ik aan het denken was. Dat denken een soort activiteit was, in plaats van iets dat maar gewoon gebeurde. Ik kroop als het ware voor het eerst in mijn eigen hoofd en kan me eigenlijk niet meer herinneren of ik mijn ontdekking meteen naar mijn moeder heb gecommuniceerd of er pas later, in mijn dagboek, met verbazing over heb gesproken. Hoe dan ook, het was een merkwaardig moment. Sindsdien was ik dus een denker. Een uitpluizer van mijn gedachten. Mijn brein werd de leverancier van het geheime gereedschap dat me hielp om met het leven om te gaan (oh die puberjaren). Ik schreef alles uit, was er van overtuigd dat er geen …

Lampionnen

Normaal gesproken word ik wakker naast mijn pluchen aap (Monkey) en de Catalaan, maar Marcel is zo druk met de CRET dat Monkey en ik bijna zijn vergeten hoe het is om naast een mens te slapen. Het is desondanks dringen in bed: De helft van het oppervlakte zijn we tegenwoordig kwijt aan mijn nieuwe elektrische piano en de andere helft delen we met Cookie (mannetje) en Millie (vrouwtje), twee kortharige, kortpotige honden. Ik heb een kamer gevonden in een oud chalet in Gaillands, vlak bij het centrum van Chamonix, waar een stel Britten, Cookie en Millie al jaren van seizoen naar seizoen leven. In de achtertuin staat een grote kersenboom die al haar kersen veel te hoog heeft hangen, waardoor je ze eigenlijk niet kunt eten, tenzij je eronder gaat staan en wacht. Mijn nieuwe huisgenootje heeft er vorige zomer van die kleine gekleurde lampionnen ingehangen. Zijzelf heeft blauwe ogen en blonde haren en lijkt een beetje op een elf, maar een speciaal soort elf, met piercings en tattoo’s en plannen om na de …