Month: May 2016

Voeten in het water

Ik dacht dat er langdurige zenpraktijken voor nodig waren om mezelf te bevrijden van mijn decennia oude gedachten die me verplichtten tot zoveel dingen en emoties en zelfs meer gedachten. Ik dacht dat ik, totdat ik al mijn jonge jaren en onrust achter me zou laten, slechts momenten zou hebben van alleen maar zijn, alleen maar bestaan. Het blijkt echter genoeg te zijn om vrije tijd te hebben en door de natuur te scharrelen. Ik weet dat de realiteit me weer zal verplichten tot het inleveren van een deel van deze vrijheid en dat wil ik ook, want dat is in ruil voor vrienden en familie, betekenis en verhaal, een beetje toekomst voor de zekerheid. Maar ik weet ook dat de herinnering aan deze dagen me voor altijd rustig zal maken, want vanaf nu is het gegeven dat alleen maar zijn, alleen maar bestaan de hele bedoeling van logica voorziet. Dat het nulpunt het beginpunt en het eindpunt is en daartussen niets van belang is dan de ervaring van het in leven zelf zijn. Een …

Een tocht naar het Zuiden

Ik wist dat Chamonix niet het enige dorp op de wereld was, maar als je er een winterseizoen draait zegt je gevoel dat na Fayet een grote, vlakke woestijn elke vorm van beschaving onmogelijk maakt. Ik schrijf vaak dat het ademen in de bergen makkelijker gaat, maar als afwisseling brengt het platteland een hoop verse lucht. Een context als Chamonix is goed om bij tijd en wijle in te ruilen, want anders neem je de vreemde trekjes van de Chamoniard over en zie je überhaupt geen reden meer om je uit het dal te bewegen. De contextverandering was echter drastisch toen Marcel en ik de wereld inreden om vier goedkope banden voor zijn bus te vinden, want vanuit onze glamourvallei raakten we ongenadig verstrikt in de louche bedrijventerreinen rondom Annecy en Chambery. Zijn linker voorband was recent op de snelweg geëxplodeerd en de resterende banden rolden als drie tijdbommen onder ons. Om niet in een soortgelijke explosie vijfhonderd euro lichter te zijn vervielen we onvermijdelijk in het twijfelachtige circuit van mannen met dikke buiken, sigaretten …

Mijn Hippie

Chamonix heeft veel meer jongens dan meisjes. De klimhallen bulken van mooie mannen, atleten van onbegrijpelijke kracht, gebruinde huid en felle ogen overal. Je hoeft niet bijzonder mooi te zijn om als meisje hier een Goliath aan de haak te slaan. Goliath huist in de normale mens, de skiër, de boarder, klimmer, trailrunner, alpinist, je ontkomt er niet aan. Het is min of meer een kwestie van tijd voor je naast alle andere avonturen aan de hand genomen wordt voor een avontuur in de liefde. En nu is het aan mij. Voorheen schreef ik nooit over mijn romantische rondzwervingen omdat ze al doodliepen voor ik er woorden aan kon wijden. Ik werd niet verliefd en bewaakte mijn tijd en vrijheid als een terriër, want jongens leiden af en dat is gevaarlijk als je zelf al iets voor je leven gepland hebt. Tot – en dat zei ik ook tegen mezelf – iemand wél met je hart aan de haal gaat. Dus, schrijft Ruby, ik heb een vriendje en ik vind hem heel leuk. Al mijn …

Lognan

De standaard in Chamonix is vrij bizarre. Hier kun je niet skiën als je supergoed bent. Hier kun je pas skiën als je een middagje steile pas tomber couloirs aftikt en het moet wel heel steil of gevaarlijk zijn wil het de aandacht wekken van een iets groter publiek. Iedereen kan alles hier en de rest is al gedaan. Het niveau is belachelijk hoog en ook die stervelingen die ver onder de top meelopen zijn naargeestig goed in wat ze doen. Die standaard. Marcel waagt het om mij niet sportief te noemen. Ik vraag hem wie hij dan sportief acht en zijn voorbeeld omschrijft een jongen die als training drie keer Flegère oprent (3x1000hm) en gesponsord wordt door Arcteryx vanwege zijn bliksembezoeken aan de moeilijkste toppen hier in de vallei. Hardloopsessies van een uur tellen niet mee. Het begint bij 1000 hoogtemeter (dat noemen ze een lichte training) en eindigt nooit, want zolang er types als Killian Jornet rondlopen falen we allemaal ongeacht onze snelle spillebeentjes of belachelijke afstanden. Het niveau in mijn klimhal ligt …

De Dromenvolger

Dit ben ik, tegenwoordig. Ik ben een dromenvolger van beroep. Mijn dromen zijn losgekomen van die van de anderen en er heel hard vandoor gegaan, en vervolgens zijn ze ergens in de bergen blijven hangen. Daar heb ik ze gevonden. Ik ben een dromenvinder en een dromenvolger tegelijkertijd, want ik weet nooit wanneer en waarheen die dingen ontsnappen. Het is nog steeds een beetje een controversieel beroep. Het dromenvolgen levert zo nu en dan een kleine strijd die zo cliché is dat zelfs zij die überhaupt niet dromen haar kunnen uittekenen. Je komt uit een goed gezin, gaat naar de universiteit, vind een baan en een vent, worstelt wat met modern ouderschap en leeft nog vijftig jaar in harmonie met geld, zekerheid en status; het pad dat je met veel kabaal niet volgt. Ik zou er bijna voor tekenen en toch niet. Ik zit opgescheept met aan de ene kant een cultureel betonblok dat nog steeds in stilte word aangemoedigd door mijn ouders en de occasionele ‘normale’ mens en aan de andere kant een hart …

Waterskiën op de Vallée Blanche

De Aiguilles Rouges schitteren onder een blauwe hemel, absurd weinig sneeuw op hun flanken, de treurigheid van de skiliften voor het eerst weer zichtbaar. Mont Blanc hult zich in wolken en ook Aiguille de Midi onttrekt zich aan het zicht. Als ik bij de rotonde achter het toeristenbureau de Franse vlag horizontaal in de greep zie van de wind vraag ik aan Marcel wat precies het plan is vandaag. Een poging wagen, zegt hij. Naar boven naar de Midi en zien wat de condities op hoogte zijn. Dat is de luxe van het hebben van een seizoenpas; zelfs een willekeurige lunch kan op 3842m hoogte zonder op eigen energie een enkele hoogtemeter overbrugd te hebben. We delen het liftje met twee Roemenen en een oud Argentijns koppel dat foto’s neemt van de white-out waar wij we ons op voorbereiden. Het is de tweede keer dat ik de Vallée Blanche intrek, dit keer ben ik overtuigd van haar schoonheid en eenvoud (als je een winterseizoen in Chamonix werkt en dag in dag uit toeristen over de …

Hier Schrijf Ik…II

Het is zomer en ik ben op vakantie. De buurman heeft me zojuist geleerd hoe ik water kan aftappen van de kleine brandslanginstallatie op de parkeerplaats. Zijn hond, Faija, is bij me op het kleed voor de Caravan gaan zitten. Ze is als een Husky maar dan een vuilnisbakvariant, met een dikke zachte vacht en wolfachtig hoofd, bruine ogen en een groene tennisbal in haar bek. Als ze blaft wil ze dat ik de bal gooi. Dat is niet heel welopgevoed van haar maar daar kan zij niets aan doen. Ze is prachtig. Het geluid van vogels en de l’Arve wordt zacht doordrongen van de beats van de buurman. Hij is een echte. Een vrachtwagenbewoner zoals je die veroordeeld in gedachten. ’s Avonds zit hij met bier en sigaretten rond een plastic vat, zijn lach over de parkeerplaats, en hij helpt ons de hele tijd bij het alternatieve bestaan, zegt bonjour bij passeren, stelt ons voor aan zijn vrienden. De dag is rustig. Chulé zit op het strand in Italië en Marcel in Annecy. Eergister …

Hier Schrijf Ik Mijn Eerste Roman

Het sneeuwde weer onverwacht het hele dal onder een sprookjesachtig witte laag en daardoorheen liep ik in de richting van Argentière. Mijn contract bij Chambre was zojuist afgesloten met een tafel vol bier en wijn in de hoek van het café, omringt door dronken bazen en blije collega’s die mooie dingen probeerden te zeggen of eigenlijk zeiden. Aan het eind van zo’n seizoen betrap je jezelf plotseling op sympathie, zo gaat dat. Dat waren toch de mensen waarmee je de hel deelde. Ik liep over de parkeerplaats van Grands Montets tot ik de Caravan in de verte zag opdoemen. Ze leek vreemd vertrouwd, een ding dat sinds een aantal dagen in mijn gedachten bestond maar nu opeens de realiteit van mijn slaapplek, mijn huis, mijn thuis bezat. Onder de sneeuw, een klein lief wagentje waar Chulé en ik de afgelopen drie dagen al onze bezittingen in hebben opgestapeld. Ik stak de sleutel in het slot en duwde met wat kracht en gekraak de deur open, want dat vraagt een dertig jaar oude caravan. Chulé lag …